Misschien: een boek over breiwerk in de Zeeuwse klederdracht

Anja Geldof (l) en Stefanie Huibregtse met ‘het beddengoed van tante Zoet’.

Zeeuws breiwerk ontrafeld

Vrouwen lazen hun vorige boek voor de patronen, mannen voor de stoere verhalen. Anja Geldof en Stefanie Huibregtse werken nu aan een opvolger van hun bestseller over Zeeuwse visserstruien: over breiwerk in de Zeeuwse streekdracht.

door Ernst Jan Rozendaal

Het is alweer jaren geleden dat Stefanie Huibregtse onderzoek deed naar avonddoekjes van boerinnen en een berichtje kreeg van ene Anja Geldof. Of daar misschien haak- of breipatronen van bestonden. ‘Geldof?’, dacht ze. ,,Ik vroeg of ze misschien ooit in Domburg had gewoond, waar ik als kind ben opgegroeid. ‘Jazeker’, antwoordde ze. Bleek ze het buurmeisje te zijn met wie ik tot mijn vijfde op straat speelde. Na meer dan veertig jaar kwamen we opnieuw in contact en het klikte meteen weer.”

Allebei een man die vaart of heeft gevaren, allebei geïnteresseerd in cultureel erfgoed en allebei fanatieke handwerksters; er waren volop raakvlakken. Jeanet Jaffari van de Wolwinkel in Arnemuiden zette ze op het spoor van de Zeeuwse visserstruien, wat leidde tot Truien bij de vleet, een boek vol patronen en verhalen, waarvan de twee drukken sinds een jaar zijn uitverkocht. ,,Het vond een breed publiek”, zegt Huibregtse. ,,Misschien een beetje standaard, maar vrouwen vonden de breipatronen interessant en mannen de informatie over de Zeeuwse vissers.”

Nu hebben ze het onderwerp opgepakt dat ze weer bij elkaar bracht: het gebreide avonddoekje bij de Zeeuwse dracht. En de labedissen (armverwarmers), haakmutsjes en kousen.

foto Lex de Meester

,,Breien is misschien een beetje suffig en tuttig”, erkent de uit Middelburg afkomstige Huibregtse, die het interview in haar eentje doet omdat haar Thoolse vriendin in het buitenland is. ,,Hetzelfde geldt voor klederdracht. Maar als je die twee combineert, wordt het hartstikke leuk. Wij duiken in de Zeeuwse geschiedenis, het culturele erfgoed, de persoonlijke verhalen van mensen die het hebben gedragen en de techniek van het handwerk.”

Geldof en Huibregtse worden gedreven door nieuwsgierigheid. Dat was zo met de visserstruien, waarvan ze dertig plaatsgebonden modellen achterhaalden, en dat is zo met het Zeeuwse breiwerk. Toen ze een replica probeerde te maken van een origineel Zeeuws avonddoekje, ontdekte Geldof hoe ingewikkeld dat was. ,,De patronen zijn nooit vastgelegd”, legt Huibregtse uit. ,,Misschien dat iemand eens drie regels opschreef: twee recht, één averecht en dan een omslag, maar dat was het dan wel. Wij willen die patronen wel exact vastleggen. Dan merk je dat ze soms schots en scheef zijn. Er werd heel wat wat aangerommeld om de boel een beetje recht te trekken.”

Het verhaal gaat dat sommige vrouwen vroeger in de kerk bewust gingen zitten achter iemand van wie ze het avonddoekje erg mooi vonden. Tijdens de preek konden ze in alle rust het breiwerk bestuderen, zodat ze het thuis konden namaken. Zo voelen Geldof en Huibregtse zich ook bij het reconstrueren van de patronen van oude kledingstukken.

Ze voegen daar moderne varianten aan toe. Huibregtse: ,,Tegenwoordig dragen vrouwen niet die originele doekjes en ook niet de replica’s. Maar als je met kleur gaat werken, worden ze heel anders. Dan zie je dat dergelijke producten van Zeeuwse origine wel worden omarmd.” Ze laat een moderne doek zien. ,,Mijn dochter zei: als je dat nou met rood doet, vind ik ‘m ook leuk.”

foto Lex de Meester

Zaterdag 9 februari geven Geldof en Huibregtse in de Wolwinkel in Arnemuiden een presentatie over het breiwerk, mede in de hoop dat ze daar op het spoor worden gezet van patronen en verhalen die ze nog niet kennen. ,,Het zou leuk zijn als we over een paar jaar ook hier weer een boek van kunnen maken.”

‘Het beddengoed van tante Zoet’ zal de meeste aandacht trekken: een deken van dertig blokken met gebreide motieven uit de Zeeuwse dracht.

,,Van de visserstruien hadden we proeflappen die we wilden exposeren. Toen op het allerlaatste moment bleek dat de panelen daarvoor niet op tijd kwamen, heeft Anja ze allemaal aan elkaar genaaid. Die deken was een noodgreep, maar het werd een grote hit. Het patroon is 1300 keer verkocht. Dus nu hebben we weer zo’n deken. Van dit patroon zijn er ook al 600 besteld. Voor een bescheiden prijs. Het is erfgoed van ons allemaal. We hopen alleen een centje over te houden om een volgend boek te kunnen betalen.”

****************************************

Beddengoed van Tante Zoet ongekend populair

ARNEMUIDEN – ‘Het beddengoed van Tante Zoet’ is ongekend populair. In een afgeladen Museum Arnemuiden zitten de bezoekers – het merendeel vrouwen – aan de lippen van Anja Geldof en Stefanie Huibregtse gekluisterd als de dames vertellen over de deken van dertig gebreide motieven uit de Zeeuwse dracht.

door Timo van de Kasteele

Die deken was een noodgreep. Toen op het laatste moment bleek dat de panelen voor de proeflappen van Zeeuwse visserstruien niet op tijd kwamen, heeft Anja de dertig lappen aan elkaar genaaid. Het blijkt een regelrechte hit. Met inmiddels ruim 1.300 verkochte patronen.

Het beddengoed van tante Zoet, genoemd naar de oudtante van Huibregtse, vat meer dan twee eeuwen Zeeuws breiwerk samen. Van ajourmotieven afkomstig van avonddoekjes, haakmutsen, kousen, slaapmutsen tot labedissen uit de Zeeuwse streekdracht.

De bedenksters van ‘Tante Zoet’ en de nieuwe woondeken zijn de Thoolse Anja Geldof en de Middelburgse Stefanie Huibregtse, twee jeugdvriendinnen die elkaar uit het oog verliezen maar door een gedeelde passie voor Zeeuws handwerk weer samenkomen.

Na jarenlang onderzoek halen ze dertig motieven van Zeeuwse visserstruien boven water. Een boek volgt. Nu nauwelijks nog nieuwe motieven gevonden worden, storten de dames zich op gebreide en gehaakte kledingstukken uit de Zeeuwse streekdrachten. En doen onderzoek.

,,Het is een enorm karwei”, zegt Anja. ,,Kant-en-klare patronen van bijvoorbeeld avonddoekjes zijn er nooit geweest. Veel vrouwen verzonnen maar wat. Of maakten na wat ze mooi vonden. Inspiratie deden ze vaak op in de kerkbanken. Daar konden ze uren turen naar wie voor ze zat.”

Alle patronen samen, vormen een unieke deken. Met bij ieder blok de naam van de draagster of maakster. De verhalen achter de breiwerken houden de dames bij op het blog ‘Het GeriefGoed van Tante Zoet’. En op de website van Stichting Zeeuwse Visserstruien zijn voor een paar euro de patronen te koop.

De opbrengst gaat naar verder onderzoek. En de mogelijke komst van een tweede boek. Naast de patronen van de woondeken, ontwikkelen Anja en Stefanie complete patronen van avonddoekjes en moderne varianten. ,,Die moderne draai houdt de dracht toch nog een beetje in leven”, zegt bezoeker Dinie Koens na afloop.

pzc.nl 9 februari 2019

Dit bericht is geplaatst in Agenda, Klederdracht met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.