Vers op Zondag 156: Jan M. Goerée

Natuurlijk gaan we gewoon door met Vers op Zondag. Wie wil het zondagse moment nog missen? We zijn toe aan de zesde serie, met dertig dichters. Vandaag aflevering 156: Jan M. Goerée.

*************************

Jij
-of is het Gij –
beveelt geknopte bloesems
te ontluiken op een
winterdag waarop vorst
een vroege horizon regeert
de maan vluchtend verbleekt

als witte dauw op gras
Wonderlijk al dit
te schrijven wie
zet me daartoe aan
hoe te verklaren
Mijn blinde vlek
jouw engelengezicht

Je voelbare ogen
vlijen mij te getuigen
van de Eva die
als een zacht gestalte
in jou huist
Je strekt je uit en ik
verzink in schaduwen

In deze duisternis besef
ik dat ’t licht eerst keert
nadat tijd ons heeft ontward
samenhang gestopt is te kloppen
Wat resteert
wordt aan het volk
getoond Caesar knikt

monden verstommen
leeuwen verlaten hun kuil
já pas dán hoed ik je
met merkstenen omrand
door een ingehaald
verleden heden

‘k kan je nooit begraven.

28 jan 2019 Jan M. Goerée

Dit bericht is geplaatst in Zeeuwse Poëzie met de tags . Bookmark de permalink.

6 reacties op Vers op Zondag 156: Jan M. Goerée

  1. melis van den hoek schreef:

    Jan, ik ervaar je gedicht als een diepgaande liefdesverklaring aan de natuur,
    breder gezien aan het leven. Een verregaand vers tot in het geloof.
    Alles bloeit als je haar ontdekt in jouw hof. Jij als puntje in haar schaduw.
    Daar ontdekte je dat onze wijsheden geen vanzelfsprekende waarheden zijn.
    Wij verbazen ons over dat wat overblijft en proberen het te koesteren, zelfs
    tot in de dood. Zij , de Eva, de liefde, het ware leven. Daarom vind ik de laatste zin
    zo krachtig: ‘k kan je nooit begraven.

  2. Roland Reuter schreef:

    Het gedicht heb ik graag gelezen… over het geheim en de diepte van liefede, leven en waarde van de mens, over geluk en afscheid, over nu en te laat … …
    Allemaal gedachten, die de moeite waard zijn en woorden, omschrijvingen, verwijzingen en toespelingen op niveau van de onderwerpen.
    Dank aan de dichter!

  3. Wagenaar schreef:

    Dag Jan, wat een schitterend gedicht. Een ode aan de liefde. Voor mij ook een ode aan de de liefde tussen man en vrouw (of welke relatie dan ook) die in mijn herinnering steeds andere vormen krijgt maar nooit meer zal verdwijnen zo lang er herinneringen zijn.

    Dank je wel,

    Yvonne

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.