Zachter!

Als het schuurt met de buren

Een boekje barstensvol burenruzies. Niet zomaar over een verkeerd neergezette fiets, een poepende hond of een overhangende tak. Het gaat over zaken die je leven ontregelen zo niet bederven.door Jan van Damme

De bovenbuurman die denkt dat hij Elvis is en dat vooral elke nacht laat horen, terwijl hij ook nog een hoop volk over de vloer heeft. Over de man in de flat die briefjes in je bus stopt met de tekst ‘Weten je vriendinnen dat jij gore gedachten hebt’ en ‘Rotzooi jij met je kat?’ Over de Poolse man die zijn vrouw slaat, onder het toeziend oog van de buurt ziet ze zich gedwongen in de auto voor de deur te slapen.

Dianne Hoogstrate – foto Dirk-Jan Gjeltema

Het bureau Buurtbemiddeling van Welzijn Middelburg is een gratis dienst die helpt bij het oplossen van conflicten tussen buren. Dianne Hoogstrate uit Middelburg is zo’n vijf jaar aan de dienst verbonden. Ze zegt: ,,Recht hebben op, dat is echt iets van deze tijd. Programma’s als de Rijdende Rechter, überhaupt de steeds grotere aandacht in de media – dat maakt vast uit. Ik heb recht op woongenot, op mijn muziek als het mij uitkomt, op rust… We wonen met heel veel mensen op een klein stukje grond. Veel leed is te voorkomen als er beter zou worden gebouwd. Prefab, bordpapieren wandjes, ook in de nieuwbouw hoor je elk wc-bezoek van buren en ruik je wat er in de keuken naast je wordt bereid. Goedkoop is duurkoop. Het aantal aanvragen om bemiddeling neemt toe. Dit jaar hebben we alleen op Walcheren al meer dan driehonderd zaken behandeld. We hadden al onze multiculturele ambitie: door mensen aan elkaar bloot te stellen, komen ze er wel uit – dat was de gedachte. Soms is dat zo. Soms niet. Dat onze hulp vaker wordt ingeroepen heeft ongetwijfeld te maken met de participatiesamenleving. Iedereen terug in de wijk: ouderen, dementerenden, mensen met psychische stoornissen. Dat schuurt. We krijgen het drukker en de zaken worden steeds complexer. Vaak treden we samen op met wijkagent, geestelijke gezondheidszorg en andere zorginstellingen. Voor iedereen geldt: je hebt steeds meer competenties nodig om samen te leven.”

****************************

Onder haar schrijversnaam Machteld Bruijel schreef Dianne Hoogstrate het pas verschenen boek Zachter! over wanhoop en verlangen bij buren (12,95 euro). Daarin geeft ze voorbeelden uit haar praktijk.

Vreemdelingen en haat
De heer en mevrouw Beekmans van nummer 21 hebben – samen met de buren van 25 – een overlastmelding gedaan. Het gaat dan om overlast die zij ervaren van de buren op nummer 23. Bijzonder aan de melding is dat deze buren er nog niet wonen. Het is een anticipatiemelding, als het ware. De aanstaande buren anticiperen op ellende. Hiervoor woonde op nummer 23 een oudere alleenstaande dame en die is naar een ‘tehuis’. Je had nooit last van haar. Inmiddels hebben ze begrepen dat hun nieuwe buren Syrische mensen zijn, een echtpaar met maar liefst vijf kinderen. Dat kan echt niet! Het regent al snel klachten. Buurtbemiddeling organiseert een kennismakingsgesprek. Vooral de luidruchtige kinderen van het gezin Hassani blijken voor overlast te zorgen. De heer Beekmans heeft een prangende vraag: ,,Kan mevrouw Hassani gesteriliseerd worden? Zodat we in ieder geval zeker weten dat er niet nóg meer kinderen bijkomen.’’ Ik zie mijn ogenblik van paniek weerspiegeld in de ogen van de tolk. ‘Moet ik dit echt vertalen?’ vraagt hij zonder woorden (…) Met klotsende oksels vraag ik: ,,Wilt u de vraag van de heer Beekmans aan het echtpaar stellen?’’

Rochel
‘Er was nog iets…’ zeg ik uitnodigend. En nu komt de aap uit de mouw. Er liggen ook rochels op het balkon. ‘NEE’, roepen dochter en schoonzoon in koor. ‘Vader rochelt niet’. En dáár heeft mevrouw ’t Hof op geanticipeerd. Uit haar tas komt haar mobiel tevoorschijn met daarop foto’s van de rochel. Zonder te kijken geef ik het apparaat door. De sfeer verandert, rechts van mij wat paniek, links van mij een minnetjes soort welbehagen, lichte triomf. Dochter vertelt, niet zonder emoties, dat bij haar vader Alzheimer is geconstateerd. (…) ‘Maar dat is geen excuus!’ roept mevrouw ’t Hof uit. En tot mijn stomme verbazing is iedereen aan tafel het daarmee eens. Alzheimer blijkt geen excuus voor vergeetachtigheid. (…) Ik kijk naar meneer Berends. Hij kijkt naar de foto’s op het apparaat.

Twee minuten
Twee minuten heeft August opgesloten gezeten in zijn garage onder de flats. En de dader? Geen kwajongens, geen verslaafde dakloze, geen afgewezen minnares, maar mevrouw Kal, 82 jaar en gehandicapt. (…) August en mevrouw Kal hebben het al langere tijd moeilijk samen. Mevrouw Kal laadt haar scootmobiel op in de gemeenschappelijke ruimte. Het is immers, zo stelt ze, te veel gedoe om het ding in haar woning te krijgen en, eenmaal binnen, een plaats te vinden waar ook een stopcontact is. De gemeenschappelijke ruimte, waar ook fietsen staan en vuilniszakken, leent zich er veel beter voor. Keer op keer heeft August de scootmobiel, op eigen gezag, iets verplaatst, klachten ingediend bij de woningbouwcorporatie en waarschuwingsbriefjes ‘dit is geen parkeerplaats’ opgehangen. Dit alles tot grote irritatie van mevrouw Kal. En toen deed de gelegenheid zich voor. Hij moest iets uit zijn garagebox halen, liet de sleutel erin en de deur open. Mevrouw Kal tufte langs en sloot hem – heel even – op.

VIP
Van ellende slaapt ze met haar zoontjes bij haar moeder. Op dit adres woont ze nu een maand of drie en van meet af aan was het ellende met de buurman. (…) …politie-invallen, voortdurend luidruchtig bezoek, harde muziek tot laat in de nacht, alcohol en drugs. Ze heeft hem een keer bibberend aangesproken. (…) Ze weet alleen dat hij heel hard schreeuwde en riep dat ze haar kop moest houden. Sindsdien houdt ze haar kop. Ik besluit contact te zoeken met de buurman (…). ‘Rothollanders’ moeten zich niet met zijn leven bemoeien. (…) ‘Hoe gaan buren met elkaar om in het land waar u vandaan komt?’ probeer ik. ‘Nou mevrouw, daar word ik zeker niet gebeld door mevrouwen die hun plaats niet kennen’. Daarop pareer ik: ‘Hoe zou ons gesprek verlopen wanneer ik wel mijn plaats zou kennen?’ ‘Dan zou u mij niet durven bellen, mevrouw (…)’. En dan komt er zo’n bizarre monoloog: ‘Die buurvrouw moet zich gewoon aanpassen en niet zo zeiken. Ze zeikt, mevrouw. Ik vraag de politie niet hier steeds te komen. Ik woonde er eerder, mevrouw. Vergeet dat niet. ZIJ is naast MIJ komen wonen’.

********************

Drie Gouden Tips voor Goed Buurschap

1. Staat de verhuiswagen bij de nieuwe buren op de stoep? Kijk even wat een goed moment is om je voor te stellen. En misschien is dat pas wanneer ze zijn in gehuisd. Maar ook de nieuwe buur kan natuurlijk de kennismakingsstap zetten. Er zijn geen duidelijke afspraken over wie de eerste stap ‘moet’ zetten dus maak er geen strijd van. Belangrijkste is dat buren met elkaar kennismaken.

2. Na 22.00 uur moet het stil zijn… maar er is ook wel eens een feestje… en voor 22.00 uur mag de luidspreker toch ook niet op standje max…! Kortom: regels geven houvast maar goede onderlinge afspraken werken het beste om een plezierige burenrelatie te hebben en te houden.

3. Kom je er samen niet (goed) uit: schakel Buurtbemiddeling in! Buurtbemiddeling is gratis, heeft veel ervaring met burenzaken en een hoog slagingspercentage. We zijn te bereiken op telefoonnummer 0118 72 70 25 of via het mailadres: buurtbemiddeling@welzijnmiddelburg.nl

Dit bericht is geplaatst in Columns, Dagboek met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.