Wim Hofman (113): Zeeaas

Wim Hofman (1941) is schrijver, illustrator, kunstenaar. In zijn rubriek in de PZC geeft hij wekelijks een proeve van zijn kunnen: in woord en beeld. Die PZC-column wordt elke woensdag op Zeelandgeboekt geplaatst.  Eind 2016 verscheen een selectie van zijn columns in boekvorm: Bramen plukken.

Een enkele keer reeg hij de wormen aan een draad om ze te drogen in de schuur. Mijn moeder had daar een hekel aan. Zo’n guirlande met wormen zag er ook wel vreemd uit.

********************

Zeeaas

door Wim Hofman

Als mijn vader wilde gaan vissen, ging hij dikwijls eerst naar het strandje bij Rammekens. Hij bond een spa aan de stang van zijn fiets en in de fietstassen gingen blikken bussen die hij als wormtrommels gebruikte, want hij ging wormen steken, een sport op zich. Hij was in zijn nopjes, als zijn trommels goed gevuld waren en vooral als hij een partijtje zagers te pakken had gekregen. De zagers lagen te kronkelen, hadden veel uitsteeksels en waren blauw en soms zelfs wat bruin, als chocolade.

‘Het zijn eigenlijk geen wormen’, zei hij, ‘het zijn zeeduizendpoten en ze kunnen gemeen bijten’. ‘Het beste van het beste’, zei hij, ‘alle vissen zijn er gek op’.

Hij had meestal ook echte zeepieren, die hij leeglopers noemde. Je kon er geen stukjes af trekken, zoals bij zagers, want dan liepen ze leeg.

Een enkele keer reeg hij de wormen aan een draad om ze te drogen in de schuur. Mijn moeder had daar een hekel aan. Zo’n guirlande met wormen zag er ook wel vreemd uit. Maar hij had liever verse en sappige en levende wormen. Een enkele keer ging ik wel eens mee. Wormen steken, merkte ik, was een kunst. Je moest diep spitten en dat niet alleen, je moest ook haast maken. Dikwijls waren de wormen je te snel af. Je moest ook voorzichtig met die zeepieren omgaan, want als je te hard aan ze trok, braken ze en liepen ze leeg en had je eigenlijk alleen maar een slap velletje over.

Wormen steken mag tegenwoordig zomaar niet. Zo moet je bijvoorbeeld per se in speciale daartoe bestemde spitvakken spitten. Je mag niet ‘s nachts graven en het is verboden graafmachines te gebruiken. Na het spitten moet je het strand weer netjes plat maken en je moet een vergunning hebben. ‘Bij het uitoefenen van het spitten van zeeaas is de spitter verplicht een wormspitvergunning bij zich te dragen en op eerste verzoek te tonen aan een controlerende instantie, als politie, Provincie Zeeland, Algemene Inspectiedienst en aan Buitengewone Opsporingsambtenaren (B.O.A.’s)’. Je bent nog niet zomaar aan het vissen.

Dit bericht is geplaatst in Columns met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.