Zeeuwse schrijvers (195): J. Slauerhoff

Mario Molegraaf schrijft wekelijks een kort portret van een Zeeuwse schrijver (of uitgever). Zeeuws qua persoon en/of qua inhoud. Deze keer aflevering 195: J. Slauerhoff.

‘Hij kon en wilde nimmer in eenig gareel gaan.’

Slau was hier!
J. Slauerhoff

door Mario Molegraaf

Hij bevoer alle zeeën, behalve blijkbaar de Schelde. J. Slauerhoff (1898-1936), de
grootste Nederlandse dichter, voelde zich nergens thuis, maar het minst in
Nederland. Hij wist de weg in Dar es Salaam, de Yokohamabaai had voor hem geen
geheimen. Het is altijd de tijd om hem te lezen, maar nu nog een beetje meer. Er zijn
namelijk twee prachtige Slauerhoff-boeken verschenen: een geheel herziene editie
van de biografie die Wim Hazeu aan hem wijdde (De Arbeiderspers, €39,99) en de
definitieve uitgave van zijn Verzamelde gedichten (Nijgh & Van Ditmar, €34,99),
bezorgd door Hein Aalders en Menno Voskuil.

Nadat Slauerhoff was overleden, werd hij in een zaaltje te Middelburg en in
de Zeeuwse pers herdacht door mevrouw E.J. van den Broecke-de Man (1898-1998).
Ze was tegelijk met Slauerhoff lid geworden van een Amsterdamse
studentenvereniging en herinnerde zich zijn eigengereide optreden tijdens de
inauguratieplechtigheid: ‘Hij kon en wilde nimmer in eenig gareel gaan.’ Lien de
Man trouwde en vestigde zich in Aardenburg, Zeeuws-Vlaanderen. Daar heeft de
dichter haar opgezocht, tijdens een reisje, paasvakantie 1920. Een bezoek aan België
lukt niet, maar hij schrijft: ‘Zeeland was ook mooi.’ Later vraagt hij haar om
financiële steun voor een op te richten tijdschrift, in de gedachte dat haar man die een
fruitkwekerij heeft het geld wel missen kan.

Slauerhoff, de chaotische, maar voortaan kunnen we zijn poëzie in de correcte
volgorde en juiste onderverdeling lezen. Slauerhoff, de gekwelde, die een gedicht
aan zichzelf opdroeg: ‘Zijn leven is mislukt, zijn schaarsche kansen/ liet hij
voorbijgaan.’ Slauerhoff, de scheepsarts die vooral een patiënt was. Slauerhoff, die
zich via zijn beklemmende literatuur steeds weer bevrijdde. In de omvangrijke
bundel van Aalders en Voskuil vinden we uiteraard alle favorieten, maar ook
onbekende gedichten en zelfs een aantal niet eerder gepubliceerde. Zoals een lang en
bitter ‘Grafschrift’ waarin hij hoopt dat de zee zich namens de dichter zal wreken op
Holland. Hij schrijft over de ellende die hij te verwerken kreeg langs ‘de Rijn en
Scheldemonden’. Dus misschien toch. Maar zeker in Aardenburg kunnen ze zeggen,
met gepaste trots: Slau was hier!

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.