Vers op Zondag 135: Jan J.B. Kuipers

Natuurlijk gaan we gewoon door met Vers op Zondag. Zegt Johanna Kruit. Ik ben het van harte met haar eens. We zijn toe aan de zesde serie, met dertig dichters. Vandaag: Jan J.B. Kuipers.

************************

KEETEN MASTGAT ZIJPE

Als een slang de langdradige zelfmoordenaar
Zilveren dochter, zuster van je ouderpaar
Afscheiding onze tol aan wat jij verbindt

Jouw boot was nooit eens dronken
De laatste is bij Antwerpen steels gezonken
Het stuurhuis als rookhok op een plein geplant

Voer heel je metaforentroep maar mee
En dump die lekker in de zee

Er is geen overzij, alleen mijzelf aan de overkant
Nooit reikt die schim ook maar de smalste broederhand

Jan J.B. Kuipers

foto H.M.D. Dekker

Dit bericht is geplaatst in Zeeuwse Poëzie met de tags . Bookmark de permalink.

3 reacties op Vers op Zondag 135: Jan J.B. Kuipers

  1. Johanna Kruit schreef:

    Helaas kan ik maar geen houvast vinden in dit gedicht, ook niet na heel vaak lezen.
    Misschien kan mijn trage hoofd vandaag de taalsprongen in dit vers niet aan ?

  2. melis van den hoek schreef:

    Hallo Jan,
    Wij, als dichters van de 97 % die weinig tot niets begrijpen van poëzie probeerden in onze onnozelheid een aannemelijke verklaring te vinden voor jouw eerste twee coupletten. Keihard werden ondergedompeld in een ijskoude golf door de inhoud van het derde couplet. Leve de vrije associatie in poëzie!!
    Ons enig houvast is de stuurhut als rookhok op het plein.
    Toch verlangt onze poëtische dwang een interpretatie van de laatste twee regels.
    Is er werkelijk niemand aan de overkant, zijn we echt helemaal alleen?
    Reik je ons de broederhand ………
    Jan Versluys, Melis van den Hoek.

  3. Jan Kuipers schreef:

    Je wist het antwoord al…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.