Mijn moeder en haar zoon

Hé, daar gaan ze bouwen

Zo’n dertig jaar al wil Markus van der Graaff – tot voor kort Middelburger – een roman schrijven. Nu heeft hij het verhaal op papier gezet: ‘Mijn moeder en haar zoon’.

door Jan van Damme

Markus van der Graaff was een jaar of vijf. Zijn ouders namen hem mee naar een leeg stuk land vlakbij Hellevoetsluis. ‘En hier staat straks ons huis’, wezen ze. Dat gevoel, die sensatie van toen is hij nooit meer kwijt geraakt. Staren over een lege polder, waarvan je weet dat er binnen een jaar een nieuwe woonwijk staat, dat jij er zal wonen. Hoe bijzonder is dat?

Het uitstapje in de polder moet rond 1972 geweest zijn. Dat gevoel van verwondering over ‘nu leeg, straks woon ik daar’ heeft Markus van der Graaff (1967) gevangen in zijn debuutroman ‘Mijn moeder en haar zoon’. ,,Eindelijk”, zegt hij, ,,want al sinds mijn twintigste loop ik met het idee rond om een roman te schrijven. Nu is het ervan gekomen.”

Van der Graaff (foto Lex de Meester) is bekend als tekenaar, hij maakte tot 2007 illustraties voor de PZC en ook voor landelijke periodieken als de Metro en de VPRO-gids. In het jaar 2000 kwam hij met zijn gezin in Middelburg wonen, vlakbij de Oostkerk. Na zeventien jaar was het tijd voor iets nieuws: sinds kort woont hij in Rotterdam. Na de middelbare school doorliep hij de lerarenopleiding Nederlands en tekenen. De studie Nederlands op de universiteit heeft hij niet afgerond. Maar hij heeft wel zijn afstudeerscriptie geschreven. Over poëzie en het veranderende landschap, hoe dichters in woorden reageren op verdwijnende dorpen, nieuwbouwwijken en de oprukkende ‘witte schimmel’ van bedrijventerreinen. Ook aan die scriptie lag zijn polderervaring ten grondslag.

Nu is er zijn roman ‘Mijn moeder en haar zoon’, die afgelopen vrijdag in Rotterdam werd gepresenteerd. Markus van der Graaff: ,,Het gevoel van zo’n nieuwbouwwijk, dat het een decor is dat niet echt bestaat. Je ziet de huizen onder je ogen ontstaan. Eerst was er niks, dan is er wel wat.”

In het boek is Marius Beeke de centrale figuur. Hij wordt geboren en groeit op in een nieuwbouwwijk, zoals je die bij veel steden in Nederland kunt vinden. We maken Marius mee in verschillende fases: als hij nog in de buik van zijn moeder zit, als jongetje van vijf, zes jaar, als knaap van negen tot dertien jaar en als bijna volwassen eindexamenleerling. Marius is van het zwijgzame soort, alleen de mensen om hem heen spreken. Hij kijkt en luistert, hij neemt de wereld nieuwsgierig in zich op: de uitdijende nieuwbouwwijk die om hem heen ontstaat, het rumoerige winkelcentrum De Navel, buurvrouw mevrouw Poppeliers, leerlingen op school – vooral de mooie Lora Heisterborg. En natuurlijk zijn moeder, zij vult zijn universum. Ze heet Ineke Beeke – pagina 20: ‘Uw naam, het is net een liedje!’ – en wordt de drijvende kracht van ‘Studio Citroen Ontspanning’ in het winkelcentrum.

Waar we Van der Graaff als auteur moeten plaatsen? Hij legt uit dat hij schrijft zoals hij tekent. Een scène borrelt een tijdlang in zijn hoofd en dan hop, zet hij die in één keer in grote hanenpoten op papier. Daarna volgt de verfijning: ,,Ik heb het gevoel dat ik met woorden meer kan zeggen dan met een tekening.” Hij leest graag werk van Franse schrijvers. Raymond Queneau noemt hij zijn ‘lievelingsauteur en absolute favoriet’: ,,In zijn werk zit een soort mentaliteit,  een laconieke toon, een lichtheid, een geamuseerde blik op de wereld, waarvan ik erg gecharmeerd ben. Ik hoop die zelfde blik en lichte absurditeit ook in mijn boek te verwerken. Verwacht in mijn roman geen diepe filosofie. Wel dat als je in de trein zit te lezen en na een hoofdstuk opkijkt, dat dan je wereld er net even anders uitziet.”

Markus van der Graaff: Mijn moeder en haar zoon – Uitgeverij Wereldbibliotheek, 160 pagina’s, 17,99 euro.

PZC 4 juni 2018

*************************************

Lezen of niet lezen?

Ik ben nogal zeer gecharmeerd van de schrijfstijl van Markus van der Graaff. Wat hij op papier zet voelt licht aan. Maar het heeft wel betekenis.

Een voorbeeld, meteen op pagina 9 van het boek:

Mijn moeder wrijft de stof van haar hemelsblauwe positiejurk glad over haar bolle buik en zegt: ‘Hebben ze een voorgevoel, de sprietjes? Voelen ze hoe kwetsbaar ze zijn, zo open en bloot in het volle licht, vastgeklonken aan de grond? Het vergt niet veel om ze met wortel en al weg te vagen. Let maar op, als de klinkers komen, de tuintegels en het grind, is het gedaan met het onbevangen ruisen en wuiven, dan blijft alles binnen de perken. Iemand hoeft het teken maar te geven en het begint.’
Ze knipt met haar vingers in de lucht.

In het interview noemt de schrijver Raymond Queneau, de Franse schrijver die ook zeer bewonderd werd door Rudy Kousbroek. Via Kousbroek kreeg ik de ‘Stijloefeningen’ van Queneau te lezen. Daarin geeft hij 99 versies van één en dezelfde gebeurtenis. Fascinerend.

Dat is ook het woord dat ik voor het debuut van Van der Graaff van toepassing acht. Een zwijgzame jongen, op het eind van het boek ‘Toezichthouder’ genoemd, groeit op in een nieuwbouwwijk die hoe langer hoe meer wordt geterroriseerd door jeugdbendes. Hoofdpersoon Marius manoeuvreert zich tussen de gebeurtenissen door. Terwijl zijn moeder zichzelf bijna doorzichtig maakt in zoutbaden in Studio Citroen Ontspanning. En buurvrouw Poppeliers eenzaam en kinderloos blijft.

Bij het lezen moest ik denken aan de tekenaar Markus van der Graaff. Die creëerde ook zo’n bijna doorschijnende wereld, die licht op de hand lijkt maar toch doorweegt.

Pagiona 85:

Ik slalom tussen de moeders met fietsen door en sla rechts af. Achter het raam van mijn klas draait de juf zich om en kijkt me aan. Met mijn blik op het kruispunt gericht loop ik door. Mijn lichaam voelt vederlicht, alsof het door het minste windstootje weggeblazen kan worden. Ik ben de enige op de stoep, de moeders fietsen zingend langs of vragen over hun schouder hoe het op school was.

Verwacht geen spanning, verwacht geen romance. Maar reken op een verrassend soort leesplezier.

Dit bericht is geplaatst in Proza met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.