Zeeuwse schrijvers (178): Karin Peters

Mario Molegraaf schrijft wekelijks een kort portret van een Zeeuwse schrijver (of uitgever). Zeeuws qua persoon en/of qua inhoud. Deze keer aflevering 177: Karin Peters.

Het is allemaal heel hevig bedoeld, maar ik zit te gniffelen. Waarschijnlijk drukte ze bij andere lezers wel op de juiste knop.

Ik kom voor Erich
Karin Peters

door Mario Molegraaf

Gelukkig is het donker in zo’n bioscoopzaal. Het was een film over de overstroming
van 1953. Vast met diep dramatische intenties. Maar de trucage was zo onbeholpen
en het toneelspel zo amateuristisch dat ik het niet uithield toen in namaak-Zeeuws
klonk: ’t waeter komt, ’t waeter komt! Mijn lach leidde van alle kanten tot een streng
ssst, ssst. Ik blijf denken dat het niet aan mij lag, maar aan de Nederlandse acteurs,
van wie de meesten slechts overtuigen in de rol van comapatiënt.

Met het werk van Karin Peters vergaat het mij net zo. Het is allemaal heel
hevig bedoeld, maar ik zit te gniffelen. Waarschijnlijk drukte ze bij andere lezers wel
op de juiste knop. Ze schreef zo’n honderd boeken, waarvan in totaal ruim een
miljoen exemplaren werden verkocht. Titels zoals ‘Het leven is als eb en vloed’ (1975)
en ‘Branding der liefde’ (1989) maken al duidelijk waarmee ze haar fans raakte. En
door de zee-beeldspraak in deze titels kunnen we raden dat we te maken hebben met
een Zeeuwse schrijfster, die als Catharina Johanna Pieterse-Kodde door het leven
ging. Ze werd in 1938 geboren te Aagtekerke en in 2011 liet men haar daar begraven.

‘Terug naar de Zeeuwse kust’ heet een omnibus uit 2003. In een van deze
werken, ‘Als het riet in de wind’, gaan we naar Zeeuws-Vlaanderen voor een
ingewikkelde familiehistorie rondom Jacob de Rijke, inderdaad ‘rijk en belangrijk’.
Maar vrouw en kinderen komen in verzet. Wat blijft, is herinnering, een andere
roman uit de omnibus, speelt op Walcheren. Het zijn de oorlogsjaren, het eiland komt
onder water te staan. Iemand voorspelt: ‘Dit komt nooit meer goed.’

De meeste personages hebben grotere zorgen, de liefde natuurlijk. Geert wil
Marita, maar Marita is gevallen voor een Duitse soldaat. Nadat ze is getrouwd, reist
ze naar Duitsland, met het liefdeskind. ‘Wat wilt u?’ is het welkom. ‘Ik kom voor
Erich’, reageert ze. Karin Peters liet de grote gevoelens graag golven. Nee, meer
commentaar komt er van mij niet. Ik ben ze niet vergeten, die ssst-kreten, en hier
heerst geen veilig duister.

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.