Zeeuwse schrijvers (176): Jac. P. Thijsse

Mario Molegraaf schrijft wekelijks een kort portret van een Zeeuwse schrijver (of uitgever). Zeeuws qua persoon en/of qua inhoud. Deze keer aflevering 176: Jac. P. Thijsse.

In ‘Onze duinen’ vermeldt  hij kort de Zeeuwse duinen. Ze moeten onderdeel worden van een groot nationaal  park, ‘van Cadzand tot Rottum’, met als eerste beheersmaatregel: ‘Konijn weg.’

Stoute toppen bij Zoutelande
Jac. P. Thijsse

door Mario Molegraaf

Zo kende ik hem nog niet. Jac.P. Thijsse (1865-1945) leek me een eenmansvoorloper
van de Partij voor de Dieren. Maar in ‘Blonde duinen’ (1911) haalt hij uit naar
konijnen: ‘eigenlijk zijn het heel schadelijke dieren, die hier niet eens thuis hooren.’
In ‘Onze duinen’ (1943) roept hij tot krachtige maatregelen op. Konijnen moeten
‘worden uitgeroeid en dan nog jaar in jaar uit bestreden,’ beweert hij, wanneer we
tenminste ‘echt mooie, rijk begroeide duinen willen hebben.’ Dik van der Meulen, de
auteur van de pas verschenen minibiografie ‘Jac.P. Thijsse. Natuurbeschermer en
schrijver’ (96 pag./ 12,95 euro, KNNV Uitgeverij), viel het ook op. ,,De konijnen –
waarvan Thijsse zijn leven lang een merkwaardige afkeer had’’, signaleert hij.

Het is een in alle opzichten, niet alleen wat betreft de omvang, nogal schamel
boekje. Maar in ieder geval zet het weer eens aan tot het lezen van Thijsse, die óók
een geweldige schrijver was. Een beetje een Zeeuwse schrijver. Vanwege zijn
genealogie: zijn moeder was een Middelburgse, en bij háár moeder leerde Thijsse
Zeeuwse zeekraal eten. Maar ook vanwege zijn geschriften. In ‘Onze duinen’ vermeldt
hij kort de Zeeuwse duinen. Ze moeten onderdeel worden van een groot nationaal
park, ‘van Cadzand tot Rottum’, met als eerste beheersmaatregel: ‘Konijn weg.’

Veel gedetailleerder waren hij en E. Heimans in ‘In de duinen’ (1899) waarin
uitgebreid wordt gewandeld vanaf het station van Vlissingen. De verkenning van het
Walcherse duin inspireerde tot fraai en herkenbaar proza: ‘Even vóór Zoutelande
wordt de heuvelreeks iets breeder en daar verheffen zich enkele stoute toppen.’ Een
eerbetoon aan Walcheren: ‘aan de vlasakkers van Serooskerke, aan de weilanden,
bont van orchideeën, omringd met forsche meidoornhagen en beplant met
meidoornboschjes.’ Aan ‘de verborgen en verwrongen zwarte paalrijen der
strandhoofden.’ En aan ‘een van de heerlijkste boschparken van ons land, de
Manteling’. Bovendien wordt gemeld: ‘Heel vriendelijke lui die Westkappelaars en
trouwens alle Zeeuwen.’

Toch blijft mijn hoogbegaafde konijn Zwervertje, tot in
hartje en niertjes Zeeuw, onverbiddelijk: die Jac.P. Thijsse moet van alle
straatnaambordjes weg.

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.