de Spuije, voorjaar 2018

In ‘de Spuije’ – het tijdschrift van de Heemkundige Kring De Bevelanden en de Vereniging Vrienden van het Historisch Museum De Bevelanden – deze keer ruim aandacht voor het leven in de interneringskampen op Zuid-Beveland in de jaren 1945-1947. in Kamp Fort Ellewoutsdijk, De Witte Driehoek in Rilland en Kamp Colijnsplaat zaten de mannen en vrouwen, die tijdens de bezettingsperiode met de bezetter hadden gesympathiseerd. Veel NSB’ers natuurlijk. Frank de Klerk geeft een mooi en gedetailleerd overzicht van de vaak erbarmelijke leefomstandigheden in die kampen. Lo van Driel ontdekte twee schriften met gedichten van opgepakte dichters. Op de omslag: Vrouw in klederdracht, olieverf door Reimond Kimpe, gemaakt in De Witte Driehoek in Rilland.

Eerlijk gezegd vind ik het jammer dat deze artikelen in de Spuije verschijnen. Ik gun het tijdschrift uiteraard alle goeds. Maar dit zijn wel verhalen die een Zeeuwse verspreiding verdienen. En dat biedt de Spuije nu eenmaal niet.

Frank de Klerk geeft een mooie inkijk in het leven in de drie Bevelandse strafkampen. Hij laat zien hoe verwarrend en vaak ingrijpend voor veel mensen die periode meteen na de bevrijding was: ,,Een sprekend voorbeeld van de problemen binnen een ‘fout’ gezin vormde mevrouw E.R. uit Borssele die in 1946 voor het Tribunaal verscheen. Ze was pontificaal gekleed in de Bevelandse dracht, waarmee ze in de oorlog op de foto was gegaan met Anton Mussert bij zijn bezoek aan Zeeland. Zij en haar man waren door een propagandist van de NSB uit Goes bij de beweging ingelijfd. Bij de bevrijding kwam haar man om het leven door een granaatscherf, twee van haar zoons zaten geïnterneerd in Rilland, zijzelf verbleef in het vrouwenkamp van Groede, en haar zestienjarige dochter woonde noodgedwongen bij grootouders. Verder was haar huis in Borssele door dorpsbewoners leeggeplunderd en stonden de vruchten te velde te rotten. Tot slot had de Bevelandse boerin in het vrouwenkamp ook nog reumatiek opgelopen.”

Over rampspoed gesproken. In de kampen werden de geïnterneerden afgebeuld, ze kregen vaak slecht te eten, de kampleiding moedigde onderling geweld aan, de onderkomens waren slecht en vies. Kapelaan Loerakker was één van de weinigen die echte ‘zielzorg’ bracht. A. Dek schreef in 1948 over zijn verblijf in Kamp Rilland, hij had het over schoppen en slaan, stelende bewakers, mishandeling van vastgebonden geïnterneerden.

Lo van Driel schrijft over ‘de geknechte muze’: poëzie van dichters, die geïnterneerd waren. De bekendste is ongetwijfeld Martien Beversluis, die tijdens de oorlog korte tijd burgemeester was van Veere en Vrouwenpolder. Hij vond twee schriftjes, waarin gestrafte dichters hun werk verzamelden. Eén schrift wordt in het Gemeentearchief van Goes bewaard, het andere in de ZB | Bibliotheek van Zeeland. Van Driel vermoedt dat de mannen in hun barakken sommige gedichten ook zongen, ‘liggend op hun strozak in de moeilijke uren voor het slapen gaan’. Zoals het ‘Kamplied’ van Beversluis, waarvan het laatste couplet luidt: De kilte knaagt, wij schuilen kleum’rig samen /  En wegen steeds weer de berichten af. / Wat speelt zich af, van achter deze ramen / Want niemand weet wie God de zege gaf / Maar hoe het wordt, geen oordeel kan ons breken / Het laatste recht staat toch aan onze zij, / En welke vlag de wereld uit mag steken / Een breekt de keten stuk! Eens zijn wij vrij.

Verder aandacht voor de nieuwe ‘vaste’ expositie ‘Buitengewoon en Markant’ in het Historisch Museum, koninklijke bezoeken aan Waarde en de laatste bijdrage van de afgelopen najaar overleden P.C. van Voorst Vader over liefde en overspel op Noord-Beveland.

de Spuije, tijdschrift van de Heemkundige Kring De Bevelanden en de Vereniging Vrienden van het Historisch Museum De Bevelanden, aflevering 103, voorjaar 2018.

 

Dit bericht is geplaatst in Tijdschriften met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.