Johannes Goedaert, fijnschilder en entomoloog

johannes-goedaert_omslag-1PZC van donderdag 17 november 2017

Wie het kleine eert
Johannes Goedaert (1617-1668)

Van rups tot pop tot vlinder. Dat weten we wel, dagelijkse kost. Maar ooit, óóit moet iemand voor het eerst een rups in de kleurigste vlinder hebben zien veranderen. Laat dat nou de Middelburgse 17e-eeuwer Johannes Goedaert zijn. Hij is vrijwel vergeten, maar hij hoort wereldberoemd te zijn. Vandaar: een boek en een expositie!

Sinds 1969 worden horden kinderen opgevoed met Rupsje Nooitgenoeg van Eric Carle. In dat kinderboek heeft de rups echte gaatjes gegeten. Op de laatste pagina verandert het hongerige kruipdiertje in een in kleuren exploderende vlinder.

Verandering, metamorfose.

Tot de 17e eeuw was er nauwelijks aandacht voor onderkruipsels. Kleine dieren als insecten zouden ontstaan door rotting – dat was de theorie van de ‘spontane generatie’. Van soorten hadden we ook weinig idee. Alleen de dieren die in de bijbel voorkwamen – zoals de sprinkhaan en de mier – waren bekend. Met de ontdekkingsreizen na 1500 veranderde het zicht op de wereld in rap tempo. In verre landen bleken planten en dieren te leven, die nergens in de Bijbel werden genoemd. Dankzij de uitvinding van de boekdrukkunst kon de nieuw opgedane kennis snel en massaal worden verspreid.

goedaertZo belanden we in enkele reuzenstappen bij Johannes Goedaert op het Molenwater in Middelburg. Hij werd in 1617 geboren. Volgend jaar als de Zeeuwse hoofdstad acht eeuwen stadsrechten viert kunnen we meteen zijn vierhonderdste geboortedag meenemen. Dat we dat doen is zeker: aanstaande zaterdag wordt al een voorschot genomen als er in het Zeeuws Museum in Middelburg een expositie met beeldend werk en publicaties van Goedaert wordt geopend en een aan hem gewijd boek wordt gepresenteerd.

De Zeeuw Johannes Goedaert was zo goed als vergeten. Delftenaar Kees Beaart (1947) kwam in 1996 bij toeval in een antiquariaat in Kopenhagen een exemplaar tegen van Metamorphosis Naturalis, het boek waarin Goedaert zijn waarnemingen van rupsen en larven, van vliegen en kevers had beschreven en geïllustreerd. Sindsdien is Beaart zo door de Middelburger gefascineerd, dat hij al vier artikelen over hem publiceerde in het tijdschrift Nehalennia en nu schrijver en samensteller is van het boek Johannes Goedaert, fijnschilder en entomoloog.

Kunstenaar en insectendeskundige. Hoe het zo ver kwam blijft gissen. Goedaerts ouders overleden in 1625, het jaar dat Middelburg in de greep was van een pestepidemie. Hij was toen acht jaar. Vier jaar later ging hij in de leer bij een ‘fijnschilder’ van het Sint Lucasgilde, waarschijnlijk Christoffel van den Berghe. Zo leerde hij landschappen en stillevens schilderen. In die tijd moet hij al aandacht hebben gehad voor insecten. Zijn vroegste bewaard gebleven waarneming stamt uit het jaar 1635, over de rups van de dagpauwoog: ,,Dese Rupse heb ick ghevangen den 14 Mey, 1635 ende onderhouden met netel-bladeren tot den 11 Junii des selfden jaers.” Waarnemen, zelf onderzoeken was in die tijd nog bijzonder. Goedaert had geen universitaire opleiding. Dat is maar goed ook, schrijft Beaart, ,,want dan zou hij waarschijnlijk nooit met zijn onderzoekingen zijn begonnen.” Het devies van Goedaert is veelzeggend: ,,Den aldergrootsten Gods is inde minste dingen by uytnementheyt.”

goedaert-vlinder-en-rups-me-res-397x500In het boek lezen we hoe fanatiek de Middelburger was. Ruim dertig jaar deed hij onderzoek: ,,Om de metamorfose van insecten te onderzoeken kweekte hij in potten, glazen, benen doosjes, houten, stenen en glazen bakken in en om zijn huis duizenden larven, rupsen en maden op en maakte hij aantekeningen en afbeeldingen van wat hij waarnam.” Johannes Goedaert had geluk. Omstreeks 1643 trouwde hij met Clara de Bock, dochter van een edelsmid.  Zij steunde hem. Beaart schrijft: ,,Niet elke vrouw zal het immers goedkeuren, dat haar man jarenlang vaak dag en nacht bezig is met het observeren van larven, rupsen, poppen, kevers, spinnen, hommels en vlinders.” Zij kregen drie kinderen: twee zoons en een dochter. Het meisje was een ongekende schoonheid, althans volgens de Franse kunstliefhebber Balthasar de Monconys die in 1663 bij Goedaert op bezoek ging.

De Middelburgse onderzoeker was een pionier. Vele soorten die hij beschreef hadden nog geen naam. Tijdgenoten waren vol lof. De Staten van Zeeland en het Middelburgse stadsbestuur waren bereid te investeren in een boekuitgave. Die kwam er, drie delen Metamorphosis Naturalis vanaf 1660. Het laatste deel verscheen in 1669, een jaar na zijn dood. Het werk werd vertaald in het Frans, Engels en Latijn. Dat maakte dat de insectendeskundige internationaal navolging kreeg, tot in de 19e eeuw aan toe. De door Goedaert persoonlijk ingekleurde afbeeldingen droegen zeker bij aan de populariteit van zijn boek, meteen het eerste deel werd een bestseller. Nog in 1877 werd in het tijdschrift ‘Album der Natuur’ geschreven dat ,,Goedaert beschouwd moet worden als de grondlegger van het gebouw waaraan we heden ten dage voortwerken en als de eerste die hier te lande den stoot gaf om de natuurwetenschap te brengen in het rechte vaarwater.”

tekening_johannes_goedaertIn de afgelopen eeuw werd het stil. Onderzoeker Huib J. Zuidervaart noemde in 2001 het boek van Goedaert ,,misschien wel de belangwekkendste wetenschappelijke studie van Zeeuwse bodem.” In 2010 maakte kinderboekenschrijver Wim Hofman de poster Kriebelalfabet Metamorphosis Naturalis. Nu, meent Kees Beaart, is het de hoogste tijd voor brede erkenning. Zijn boek en de expositie zijn een begin.

De expositie Uyt eygen ervarentheyd, over het werk van Johannes Goedaert, werd zaterdag 19 november om 15.30 uur geopend in het Zeeuws Museum in Middelburg. Het boek Johannes Goedaert, fijnschilder en entomoloog – Kees Beaart is samensteller – is voor 17,50 euro te koop.

***************************

Apart kader:

800 jaar Middelburg en 400 jaar Johannes Goedaert. Sophie Krier wil die twee aan elkaar verbinden in haar plan voor een buitenlokaal naast het stadhuis. Het buitenlokaal moet op het Helmplein komen. Krier, docent aan het University College Roosevelt, wil het in 2017 cadeau geven aan de jarige stad. Op voorstel van Goedaert-expert Kees Beaart zou de Helm omgedoopt kunnen worden in Goedaert Buitenhof. De Helm heette na de wederopbouw na de Tweede Oorlog ook even Buitenhof. Krier wil in ieder geval wel de spreek- en gedenksteen laten versieren met tekeningen van Goedaert, die zijn leven lang de metamorfose van insecten natekende. Voor het realiseren van het buitenlokaal worden nog geldschieters gezocht via http://geefonderwijs.nl/projecten/metamorfose-lokaal/

Dit bericht is geplaatst in Biografie, Natuur met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.