Ik was een van hen

maartenPZC 26 april 2016

Maarten Zeegers – zoon van uit Zeeland afkomstige ouders – deed zich drie jaar voor als bekeerling. Hij schreef er een boek over. En nu is zijn moeder bang.

door Henri van der Steen

Moeder is er niet gerust op. Haar zoon Maarten schreef een boek waarmee in elk geval duidelijk werd dat hij nogal wat moslims had belazerd door zich voor te doen als bekeerling. Bestaat de kans op een fatwa, een doodvonnis?

Maarten: “Niet officieel, want ik ben niet echt bekeerd. Ik ben er niet trots op, ik vind wel dat ik geen andere keuze had. Anders kom je nergens binnen, niet bij huiskamerlezingen, niet bij duivelsuitdrijvingen. Als niet-moslim word je overal weggekeken.”

Vader Johnny Zeegers: “Joris Luyendijk heeft het boek ook al gelezen. Op zijn site staan al minder leuke reacties op het boek. Sommige moslims voelen zich geweldig beledigd.”

Moeder Cecile: “Ik ben niet echt doodsbang, maar ik vind het wel een eng idee. Ze zitten zo strak in het geloof. ‘Je hebt me besodemieterd!’ Van enkele reacties ben ik wel geschrokken.”

Johnny: “Daarom zijn we er niet al te happig op dat ons adres bekend wordt.”

We zitten bij vader en moeder op dat adres, in een mooie wijk in Tilburg. Intelligente, warme mensen. Moeder zet thee.

Maarten: “Ik kom dus zelf uit deze blanke wijk, vol mensen van middelbare leeftijd, ons soort mensen, zeg maar. Schrijf maar niet op dat het een kakwijk is, maar dat is het wel. In Den Haag leefde ik in een andere wereld, een wereld met armoede, criminaliteit, vol laagopgeleiden, een wijk met meer dan 30 moskeeën, vaak heel klein en goed verborgen, boven een snackbar, achter een winkel. En ik was de enige Nederlander in de straat. Ik dacht: er is iets gebeurd waar ik geen weet van heb. In eerste instantie was het meer een intern onderzoek. Ik heb ook geen politieke boodschap met het boek.”

Johnny: “De PvdA en de PVV zouden allebei kunnen aanbellen omdat ze jouw boek kunnen gebruiken voor hun politiek.”

Maarten: “Het is politiek neutraal.”

Johnny: “Ja, maar een rechtse extremist vindt voedsel in jouw boek voor zijn boodschap.”

Maarten: “Bij migratie ontstaat een dynamiek waar je weinig invloed op hebt. Hier in Tilburg, in Noord, speelt hetzelfde als in Den Haag in Transvaal en de Schilderswijk en in andere steden. Segregatie.”Het boek is zeer vaardig geschreven, hier en daar zelfs geestig, maar vooral ook onthutsend.

Cecile: “Ik wist ook niet dat er in zo’n wijk zo veel verschillende geloven zitten. En dan die geselingen en die duivelsuitdrijvingen… Dat lees ik nu in zijn boek. Wat een wereld, denk je dan.”

Johnny: “Dat zijn de excessen. Ik heb door het boek geleerd begrip te hebben, nee, dat is niet het goede woord, respect te hebben voor iemand met een geloofsovertuiging.”

Maarten: “Je ziet hetzelfde als met het protestantisme; het is een kwestie van identiteit, meer dan spiritualiteit. Die excessen zijn reactieve bewegingen op staande tradities.”

Zeegers jr. trok al jong de wereld in, tot zorg van zijn ouders die niet zo avontuurlijk in elkaar zitten.

Johnny: “Wij zijn er ook wel minder behoudend van geworden, door de bezoeken die we hem brachten. Drie keer naar Syrië, een keer naar Egypte. Hij heeft ons die landen laten zien. En we zagen hoe hij met die mensen omging, heel gemakkelijk. Daar stond-ie tussen al die donkere Egyptenaren, als een van hen.”

Cecile: “Hij omarmde ze.”

Maarten Zeegers lijkt toevallig op een halve Arabier, zoals hij er bij zit.

Maarten: “In Syrië werd ik op straat ook altijd in het Arabisch aangesproken.”

Cecile: “Ze geloofden ook niet dat wij zijn ouders zijn.”

Moeder Cecile komt in een enkele zin in het boek voor, als ze zegt bang te zijn dat haar zoon zich echt heeft bekeerd. Omdat hij het aan tafel nergens anders meer over had.

Cecile: “Hij was geobsedeerd en ik dacht: Jezus, met zo’n dubbelleven… Misschien was hij wel echt een moslim aan het worden. Ik maakte me zorgen, vooral over de vraag of hij het psychisch allemaal verwerken kon.”

Maarten: “Jij was ervan overtuigd dat ik bekeerd was.”

Mama knikt.

Maarten: “Jij dacht: zie je wel, ik wist het! Niet, papa?”

Johnny: “Ja, we hebben even getwijfeld.”

Maarten: “Maar had het wat uitgemaakt, als ik daadwerkelijk bekeerd zou zijn?”

Cecile: “Nee, meer dat je er zelf problemen mee zou hebben. En dat je hier thuis zou komen en ons zou verbieden nog langer wijn te drinken.”

Maarten: “Omdat ik één keertje bedankte voor een glas wijn! Dan ben je dus meteen verdacht. Had jij er moeite mee gehad, papa?”

Johnny: “Nee, als je maar overtuigd zou zijn van je bekering.”

Maarten: “En zolang ik maar geen gekke eisen zou gaan stellen, haha. Want dat heb je natuurlijk vaak met bekeerlingen.”

Cecile: “Als je had geëist dat er alleen halalvlees op tafel zou komen, zou ik dat niet van plan zijn geweest.”

En geen tompoezen meer, want daar zit gelatine in.

Maarten: “Zelfs in het plastic omhulsel van pillen zit gelatine!”

Johnny: “Het is een van die absurditeiten; je ziet er wel meer voorbeelden van in het boek.”

‘Ik was een van hen’; uitgeverij Podium, 336 pagina’s, 19,90 euro.

‘Ik ben er niet trots op, had geen andere keuze. Anders kom je nergens binnen’

paspoort

PERSONALIA: Tilburg, 1982, getrouwd met de Syrische Sarah.

OUDERS: Johnny (64) en Cecile (63) Zeegers, geboren in Zeeuw-Vlaanderen. Johnny is microbioloog, werkt in het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg. Maarten heeft een zus, Femke (1980).

Maarten deed het Odulphuslyceum in Tilburg, met Latijn. Studeerde Spaans in Spanje, daarna Arabisch in Syrië, waar hij zich ook schoolde in de Koran.

Over zijn jaren in Syrië schreef hij ‘Wij zijn Arabieren’, waarvoor hij werd genomineerd voor twee literaire prijzen.

DOOR HENRI VAN DER STEEN

Dit bericht is geplaatst in Journalistiek met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.