Antwerpen door het oog van de stadsgidsen

Wie wel eens in Antwerpen gaat statten – en wie doet dat vanuit Zeeland niet met enige regelmaat – zal de kaaien, de markt, het station en de Meir wel kennen. Gezellig is een cliché. Wie meer wil dan winkelen kan ook buiten de musea een vertellende stad vinden. Eeuwenoude stadspaleizen, gloednieuwe kantoor- en wooncomplexen, schouwburgen, havens, standbeelden, oude voetgangerstunnels – alles heeft een eigen verhaal. De Koninklijke Gidsenvereniging van Antwerpen (K.G.v.A.) haalt in een met 300 pagina’s lekker ruim bemeten gids alles uit de kast om ons voor de Sinjorenstad te laten vallen. Dat lukt: ik amuseer me kostelijk met alle ins en outs.

Ik hield mijn hart vast. De afgelopen jaren heb ik enkele ervaringen opgedaan met gidsen in Brugge, Gent en Damme. Steeds waren het enthousiaste, belezen mannen en vrouwen, die mooie verhalen vertelden. Wel had ik door de tongval vaak moeite om hen van a tot z te volgen. Dikwijls waren ze ook zo enthousiast, dat ik na verloop van niet al te veel tijd meedeinde op de stroom van hun feiten en feitjes, zonder er echt veel van weg te dragen.

Nu moet ik zeggen dat het door de Antwerpse stadsgidsen samengestelde boek ook bulkt van de details en wetenswaardigheden. Het grote verschil met een sprekende gids is dat ik nu zelf het tempo bepaal. Ik blader en lees en kijk tot ik er genoeg van heb. Da’s een groot voordeel, zo word ik niet overvoerd.

Eén gids-anekdote neem ik – ik hoop met permissie – over, omdat die me gezien mijn eigen achternaam en de herkomst van de groep bijzonder aanspreekt. Op pagina 29: ,,Op een zonnige dag stond ik aan de kaaien bij het Museum van Hedendaagse Kunst Antwerpen te wachten op een groep jongeren uit Zeeland. Ze kwamen op me toegestapt onder begeleiding van twee leerkrachten. Bij de verwelkoming stelde ik me aan de verantwoordelijke leerkracht voor als Jeanine Van Zeeland, en zij antwoordde ‘Aangenaam, ik ben Riet van Antwerpen’. Waarop ik toch wel een beetje verbaasd keek, want ik was er zeker van dat deze dame lichtjes met mijn voeten aan het spelen was. Goed mogelijk dat ze daar in Zeeland een beetje boos zijn over de uitdieping van de Schelde en het verplicht onder water zetten van enige van hun polders, dacht ik maar. Ik was vastbesloten een escalatie van de Antwerps-Zeelandse schermutselingen te voorkomen en zei haar vriendelijk dat mijn familienaam echt ‘Van Zeeland’ was. Waarop ze lachte en haar paspoort uit haar tas tevoorschijn toverde: haar naam was wis en waarachtig Riet van Antwerpen! Sindsdien gids ik jaarlijks dezelfde groep uit Zeeland, met diezelfde Riet van Antwerpen als leerkracht.”

Het boek heeft alleen betrekking op de wijken aan de Scheldekant van de Leien. Jodenwijk, Chinatown, de Seefhoek en Stuivenberg, Centraal Station, Linkeroever en nog meer komen in een volgende gids aan bod. In dit eerste deel blijven we dicht bij het water: de kaaien, het Zuid, Sint-Andrieswijk, Quartier Latin, Meir en Wapper, Groenplaats, Grote Markt en Conscienceplein, Schipperskwartier, studentenwijk en het Eilandje. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met een pagina, waarop een aantal wandelingen wordt ‘getipt’.

Ik ga hier niet in het voetspoor van de gidsen treden. Daarmee zou ik u het plezier van het boek te veel ontnemen. Vooruit, één voorbeeld: de Bourlaschouwburg. Geopend in 1834, toen de afscheiding van Nederland nog niet was afgerond. Eerst kreeg het gebouw de naam Théâtre Royal Francais opgeplakt. Later werd het genoemd naar de toenmalige stadsbouwmeester Pierre Bruno Bourla. Neoclassicistisch in natuursteen, negen muzen boven de ingang, onorthodoxe programmering, het wordt allemaal verteld. Nu herinner ik me een grootscheepse restauratie in de jaren negentig van de vorige eeuw – daarover wordt dan weer gezwegen. Want dat vind ik opvallend, de schouwburg staat er nog altijd fris en vrolijk bij.

Met het in 2011 geopende Museum Aan de Stroom (MAS) wordt het boek afgesloten. Een waardige uitzwaaier, zou ik zeggen. Ik heb vorig jaar een ruime middag nodig gehad om alle expositiezalen en alle uitzichten te beleven. Mooi aan het water. De stroom, inderdaad, die de stad leven biedt.

Antwerpen door het oog van de stadsgidsen, de leukste plekjes, de strafste verhalen – Uitgeverij Davidsfonds, 304 pagina’s, 29,95 euro.

Dit bericht is geplaatst in Antwerpen, Reisgids. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.