Lange armen

‘Wil je een boete of zal ik een gedicht voorlezen?’

Ester Naomi Perquin, Dichter des Vaderlands met Zeeuwse wortels, liep maandenlang mee met de politie. Dat leidde tot een bijzondere poëziebundel: ‘Lange armen’. ,,Ik kwam elke keer thuis vol adrenaline.”

 

**********************

door Rolf Bosboom

Ze belandde in een achtervolging, was getuige van arrestaties, liep mee met surveillanten en sprak met rechercheurs. Geen dagelijkse omgeving voor een dichter. ,,Maar het klikte heel goed”, zegt Ester Naomi Perquin (37). ,,Ik voelde me er ontzettend thuis en ik werd overal warm en met een enorme openheid ontvangen.”

foto Politie Nederland

Politie en poëzie lijken twee werelden die ver uit elkaar liggen. Perquin, die opgroeide in Zierikzee, was dan ook oprecht verbaasd toen ze werd uitgenodigd vijf gedichten te schrijven over het politiewerk. ,,Ik vond het een uiterst merkwaardig idee. De politie associeer ik met heel directe communicatie: ‘ga liggen’, ‘laat je rijbewijs zien’, ‘doe je licht aan’. Het is allemaal gericht op het overbrengen van een boodschap, terwijl een dichter de route benut die de informatie aflegt. Dat zijn heel tegengestelde naturen.”

Toch vroeg de politie Perquin niet zomaar. Behalve dat ze een jaar geleden werd benoemd tot Dichter des Vaderlands, werkte ze jarenlang als cipier in een gevangenis. Die ervaringen vormden de basis voor haar bundel Celinspecties (2012).

,,Men dacht: als zij iets met boeven kan, kan ze ook iets met agenten. Veel situaties zijn inderdaad vergelijkbaar. Alleen is het in de gevangenis wel een stuk overzichtelijker. Je weet namelijk wie de slechteriken zijn en over het algemeen kun je goed inschatten hoe ze reageren in bepaalde situaties. Voor de politie is dat iedere keer weer een vraagteken. Ik vond het wel bijzonder om te zien hoe agenten daarmee omgaan.”

Ze eiste – en kreeg – volledige vrijheid. ,,Ik moest kunnen schrijven wat ik wilde schrijven en alle vragen stellen die ik wilde stellen. Ik vond het heel dapper dat ze dat risico hebben genomen, want ik had ook de focus kunnen leggen op de minder fraaie kanten of op bijvoorbeeld agenten die een fout hebben gemaakt.”

Het waren intensieve, enerverende dagen. ,,Ik kwam elke keer thuis vol adrenaline van alle indrukken, van de actie, maar ook van de vrolijkheid die er volop was. Ik heb echt enorm gelachen. Als schrijver heb je geen directe collega’s. Wat dat betreft is het een eenzaam vak. Nu had ik ineens een hele bak luidruchtige, actieve en geestige types om me heen. Het was ook gewoon heel feestelijk.”

De indrukken waren zo talrijk dat ze voor Lange armen geen vijf maar tien gedichten maakte. Die gaan vooral over de zichtbare kant van de politie: het werk op straat. ,,Dat is toch waar de meeste poëzie ontstaat. Ik denk dat het heel goed is om die verhalen te vertellen. Het is de kant van de politie waar je het meest mee in aanraking komt en waarvan ik vind dat je daar als samenleving over in gesprek moet blijven. Wat willen wij van de politie? Is de politie van ons? Wat heb je nodig om een goede agent te zijn? Iedereen vindt daar ook wat van.”

Volgens korpschef Erik Akerboom is ze zelfs ‘een beetje verliefd’ op de politiemensen geworden. ,,Dat moet ik wel toegeven. Vooraf wilde ik kritisch zijn, doorvragen. Maar het is ontzettend moeilijk om de romantiek te weerstaan die bij de politie hangt. Het zijn echt mensen die al twintig jaar dat werk doen, tegen een in mijn optiek niet al te hoog salaris, en nog steeds oprecht zeggen: ik wil de wereld beter maken. En ze zijn ontzettend leuk.”

Met hun inzet kunnen agenten vaak (erger) onheil voorkomen, ook al is niet altijd duidelijk wát dat precies zou zijn geweest. ,,Ik vind het bij uitstek poëtisch om datgene wat niet gebeurd is van hetzelfde belang te voorzien als de dingen die wel gebeurd zijn. Die hebben net zoveel invloed, maar we weten het niet. We zijn ons gelukkig niet bewust van al het noodlot dat we ontlopen, van alle afschuwelijke dingen die we niet hebben meegemaakt.”

Lange armen past naadloos in Perquins streven om als Dichter des Vaderlands de dichtkunst te verbinden met uiteenlopende, dagelijkse werelden.

,,Op ontzettend veel plekken is poëzie een heel goede klank. Het zou ideaal zijn als agenten mensen straks de keuze zouden geven: óf een bekeuring óf ik lees een gedicht voor. Dat lijkt me ook heel goed voor de poëzie. Dan willen mensen wel.”

‘Lange armen’ verschijnt in een gelimiteerde oplage van 1.000 exemplaren en is te koop (12,50 euro) in de boekhandel.

Dit bericht is geplaatst in Poëzie met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.