Column: Het woord rouwverwerking stond niet in zijn schoolgids

We delen wat af, vandaag de dag. Rouwen doe je niet alleen. Vroeger – hoor mij – ging dat anders. De bloemenhandelaars deden nog niet zulke goede zaken.

foto Mechteld Jansen

Het woord rouwverwerking stond niet in zijn schoolgids

door Jan van Damme

Het is de week van Ezra. Dertien jaar pas, en dan ook nog tijdens het zwemmen in Goes. In zo’n zwembad  verwacht je alleen gespatter, gejoel en plezier. De schok was groot. Zo’n jongen, zo jong.

Zijn plotselinge overlijden maakt een golf aan medeleven los. Op de sociale media lijkt  de stroom ‘sterkte-berichten’ niet te stelpen. Bij het zwembad ontstaat spontaan een herdenkingstafel, met bloemen, kaarsen, kaartjes, brieven. Voor de Goese schoolvoetballers de wei in dartelen wordt er een minuut stilte in acht genomen. Slachtofferhulp staat paraat, de GGD komt voorlichting geven voor medewerkers van het zwembad, de school richt een crisisteam in om personeel, ouders en leerlingen te informeren en waar nodig bij te staan. Later deze week wordt er nog een stille tocht gehouden, met witte wensballonnen.

Allemaal voor Ezra.

Ik moet bij de opsomming van al die herdenkingsactiviteiten terugdenken aan een winterse fietstocht, rond 1970, van de middelbare school in Oostburg naar Groede. Het was een vrijdagmiddag, de sneeuwstorm kwam uit het noordoosten. Eerder die week hadden we via via vernomen dat Hans, een jongen uit Breskens, tussen Schoondijke en Oostburg in het ochtenddonker door een auto was geschept. Hij had de klap niet overleefd.

Misschien dat onze mentor nog iets in de klas vertelde. Maar het woord rouwverwerking – dat weet ik zeker – stond niet in zijn schoolgids. Hans zat een jaar hoger dan ik, er was geen sprake van dat mijn klas naar de begrafenis zou gaan. Onderling hadden we het wel over het ongeluk. De Bressiaanse scholieren spraken schande van de fietsoversteekplaats op een plek waar de auto’s voluit gas mochten geven. Niet lang daarna werden de fietspaden naast de weg doorgetrokken, zodat je aan dezelfde kant kon blijven rijden.

Die vrijdagmiddag werd Hans begraven. Ik had een laat uur gehad, scheikunde. Het werd al donker, de sneeuwvlokken joegen bijna horizontaal tegen me aan. Op Scherpbier kon ik even op adem komen in de luwte van een schuurtje.

Daar moest ik aan Hans denken.

PZC woensdag 18 oktober 2017

Dit bericht is geplaatst in Columns met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *