Thom Schrijer reageert op ‘We deinen…’

Vorige week schreef ik (Jan van Damme) in de PZC een column over de losgebarsten tarweoogst. Thom Schrijer, dichter te Zierikzee, raakte daardoor geïnspireerd en stuurde me een gedicht over combines die ‘de eindgroei uit de aren eten’. Zo wordt de witte oogst nog mooier.

foto Dirk-Jan Gjeltema

Graan

Met graan en stof van graan wordt van dit land de
zomer afgehaald en vallend traag vertaald in pakken
bedstro voor de winter.

Wij beleven het jaar na jaar in vogelhoog, maal breed,
maal schuinte van het warme licht.

Combines die door bedaarden afgericht de eindgroei
uit de aren eten, de pakkenpers die stengels om hun
leegte vouwt, de aarde terug bij haar oneigenlijk gezicht.

Wij zullen deze zomer met een half dicht oog weer
meten en bewaren en kleuren ook al beelden in van
zwart het land en heel dun groen van wintergraan.

Thom Schrijer

Dit bericht is geplaatst in Poëzie met de tags . Bookmark de permalink.

4 reacties op Thom Schrijer reageert op ‘We deinen…’

  1. Johanna Kruit schreef:

    Wat een mooi gedicht, een echt Augustus gedicht waarin je de geur van de nazomer kunt ruiken………..

  2. Theo Raats schreef:

    Het oogsten van graan of het werk op het land is al eeuwenlang in al zijn gedaanten een dankbaar onderwerp geweest voor dichters. Vooral voor Zeeuwse dichters als Ed Leeflang of Hans Warren. Of een Dordtse dichter als Jan Eijkelenboom. En natuurlijk Thom Schrijer. Als oprechte Zeeuw kan ik mateloos genieten van zijn goedgekozen zinnen. Een prachtig gedicht, met liefde verwoord.

  3. Melis schreef:

    manifesteert de reïncarnatie van Herman Gorter zich soms in de persoon van Thom Schrijer op een nogal pathetitische manier. Dan moet Schrijer daar snel vanaf zien te komen. Voorlopig niet publiceren tot zijn werk gaat passen bij een reëel tijdsbeeld en niet bij socialistische romantiek van ruim honderdvijftig jaar geleden.

  4. melis van den hoek schreef:

    Graangedicht gedachten.
    Thom en Jan, ik genoot van de woorden en zinnen. Prachtige beelden; de boeren halen de zomer van het land. Wij zeiden op de combine zonder cabine: we stikten in het stof, dat was de op gedroogde regen. De zomer wordt tevens in pakken geperst, een warm bed voor de koeien. Die vijf aa-klanken worden ook samengeperst tot de “a” in pak.
    Mooi wordt de cyclus weergegeven in couplet één en vier. Zomer, winter, zomer, winter. En die aren blijven maar groeien in couplet twee, zelfs mijn verzonnen zonnestraal.
    Vogelhoog is dat het uitzicht vanuit ons nest? Ik kan de link niet leggen, vanuit vogelvlucht; de moderne boer met zijn drone?
    Dat woord afgericht klinkt voor mij negatief. Het is toch knap van ingenieurs om metaal en computers zo te fabriceren, te ontwerpen met je geest dat het ding kan wat jij wil. Gelukkig heeft het ding geen gevoel, slavernij is in de landbouw misschien hierdoor later weg gegaan; het was zwaar werk met de hand voor een mens.
    In bedaarden zitten voor mij de woorden: aarde en aar en bed, maar waarom ingenieurs of boeren en hun chauffeurs bedaard zijn, vat ik nog niet. In oogsttijd zijn de meeste boeren gejaagd, zenuwachtig gespannen. Ze dorsen geld, zo’n combine is een soort zeefmachine zoals we die kennen uit het bankwezen, als de spaarpot wordt geleegd. Grote munten boven, de kleine voor de arenlezers. Nog niet gelukt door de mensheid om arm en rijk minder duidelijk te scheiden. Die machine kunnen ze nog niet bouwen.
    Heel mooi dat een combine vergeleken wordt met een vogel: het leeg eten.
    En dan om de lege aar de stengel vouwen. Direct zag ik gevouwen handen op de dankdag voor gewas en arbeid. Zou het geloof dan toch kaf zijn? Crypto: eindgroei? Antwoord: korrel.
    Het oneigenlijk gezicht van de aarde kan ik moeilijk plaatsen. Moeten we terug naar grijs of juist naar ruw bebost? Zijn oorspronkelijke jas. Het woord “oneigenlijk” doet me de das om.
    Dat half dichte oog? Moet dat vanwege het stof; is het een knipoog van de boer? Het is weer gelukt. De oogst is binnen, meet hij de tonnen per hectare of het hectoliter gewicht? Denken wij met de boer mee, vooruit naar het nieuwe seizoen. Wij moeten ons levensplan ver vooruit invullen. Het nieuwe plan is alweer ontsproten. Gelukkig, er is nog hoop. Thom bedankt voor het vooruitzicht. Je bewoog mijn gedachten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *