Vers op Zondag 85: Coenraedt van Meerenburgh

Vers op Zondag is toe aan de vierde serie. In de eerste drie series zijn er afgelopen anderhalf jaar 76 gedichten gepubliceerd op dit weblog. Op naar de honderd en meer. Want wie wil Vers op Zondag nog missen? Vandaag aflevering 85: Coenraedt van Meerenburgh.

*******************************

MOSTERD

De eerste tien, wat ik daar nog van weet?
Ik leerde lopen, lezen, staand te plassen,
De tweede tien liep ik met zware tassen,
Van klas naar klas en werd mijn blik verbreed.

De derde werkte ik me in het zweet,
Oncomfortabel met het woord volwassen,
Zocht ik naar iets dat goed bij me zou passen,
Maar faalde, maakte fouten bij de vleet.

Na veertig wist ik niet meer wat ik deed,
Mezelf bedelvend onder paperassen,
Zat ik nog steeds op antwoorden te vlassen,
Wie was ik: priester, pooier of poëet?

Straks zie ik Abraham, zoals dat heet,
Of ik wat opgeschoten ben? Geen reet!

(c) 2017 Coenraedt van Meerenburgh

Dit bericht is geplaatst in Zeeuwse Poëzie met de tags . Bookmark de permalink.

Één reactie op Vers op Zondag 85: Coenraedt van Meerenburgh

  1. melis van den hoek schreef:

    Coenraedt,
    als je maar zeker weet
    het leven blijft verrassen
    voortdurend op je tellen passen
    en slikken als je eet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *