Op zoek naar een vader

doef

Een beetje laat, maar ik ben toch nog van mijn vader gaan houden

Oud-burgemeester Jaap van der Doef van Vlissingen reconstrueerde de geschiedenis van zijn familie. Van zijn vader, vooral, want daar was iets mee.

door Jan van Damme

Jaap van der Doef staat in de krant. Ach ja, denken dan veel mensen, hoe zou het met hem zijn? Achttien jaar nadat hij de burgemeestersketting van Vlissingen voor het laatst aflegde. En nog veel langer geleden dat hij in de Tweede Kamer en als staatssecretaris een boegbeeld van de PvdA was. Hoe het met hem gaat? ,,Goed”, zegt de inmiddels 83-jarige. ,,Gezond, nog steeds lid van de PvdA. En ik heb een boekje geschreven.”

ldm17-05-2017 - Vlissingen - Jaap van der Doef - nieuw boekfoto Lex de Meester

Vlissingen, in een Oostenrijkse woning die in de loop der jaren fors is verbouwd en uitgebreid. De burgemeester van toen is nauwelijks veranderd. Wit haar had hij al, misschien dat er destijds nog een baardje was. Zijn ene knie doet het iets minder, maar fietsen gaat nog goed, hij heeft een e-bike. De wereld kan nog op zijn volle belangstelling rekenen. Drie kranten per dag, eentje extra in het weekeinde, en een opinieblad dat eens per maand met een plof op de mat valt.

Hij heeft een boekje geschreven.

Het is zijn debuut. Afgezien dan van wat schrijfsels die in kleine kring werden verspreid. ‘Op zoek naar een vader’, heet het boek dat vrijdag wordt gepresenteerd. Geen roman, geen novelle. ,,Een familiekroniek, dat is de juiste term.” Hij heeft een andere titel overwogen: ‘Een man van niks’. Maar: ,,Ik had al snel in de gaten: dat kan niet. Iedereen heeft immers waarde.”

Een geschiedenis van de eigen familie. Dat was nodig. Vooral omdat Van der Doef een heel leven lang met een familiegeheim heeft rondgelopen. Dat wilde hij ontrafelen en opschrijven. In zijn boek gebruikt hij gefingeerde namen. Hoofdpersoon Marinus Koelewijn is Jaap van der Doef. Achter de andere namen gaan ook echte personen schuil. De schrijver zegt: ,,Ik heb voor de derde persoon gekozen – dus niet ik, maar hij. Dat schrijft prettiger. Voor ik begon heb ik een workshop gevolgd: hoe schrijf je een familiegeschiedenis? Daar leer je de techniek. En vooral dat je niet met jezelf moet onderhandelen over wat de familie er wel van zal vinden. Je moet niet bang zijn, anders gezegd: je moet hartstikke eerlijk zijn. In het boek gaat Marinus op zoek naar feiten. Dat is precies wat ik heb gedaan. Geen bellettrie, maar feiten.”

Van der Doef brengt ons naar het Westland. Daar, in de jaren twintig, komen zijn vader Pieter Koelewijn en moeder Nelly elkaar tegen. Hoewel Pieters zus haar had gewaarschuwd – er zou iets vreemds met Pieter aan de hand zijn – stapt Nelly vol vertrouwen in het huwelijk. Het is dan 1926. Vier jaar later wordt het eerste kind geboren. In datzelfde jaar, 1930, verhuist het gezin hals over kop naar Doorn, zo ver mogelijk weg van het Westland. Er worden nog zes kinderen geboren. Marinus is in 1934 het derde.

met Pa, Piet en Corrie (1)Vader Van der Doef met drie van zijn kinderen, 1935, Jaap zit in het midden.

Die Marinus voelt de ijzige kou in het huwelijk van zijn ouders. Zijn moeder zwijgt. Tot op pagina 84, Marinus is dan vijftien jaar: ,,Als hij voor de zoveelste keer vraagt naar wat er toch met zijn vader in het verleden is gebeurd, zegt ze opeens: ‘Nou, als je het dan met alle geweld wilt weten, hij heeft in de gevangenis gezeten’.” Marinus wil per se de reden van de celstraf horen. Dan zegt zijn moeder: ,,Voor een zedenmisdrijf. Het was met kinderen.” Ze voegt eraan toe: ,,Je mag er met niemand over praten, hoor. De anderen weten het niet.”

Marinus, dan nog een puber, maakt zijn rekensom. Getrouwd in 1926, pas in 1930 het eerste kind. Dan zal hij wel vier jaar in de gevangenis hebben gezeten. De jongen geeft een eigen invulling aan de feiten. Hij gaat er ook zonder meer vanuit dat zijn vader met meisjes heeft gerommeld. Misprijzen, onbegrip, op een gegeven moment zelfs haat: Marinus schrijft zijn vader volledig af. Zeker als die ook nog eens aan de drank raakt en zijn werk en gezin verwaarloost. De jongen komt tot de conclusie dat het gezin, dat volledig op zijn moeder draait, beter af zou zijn zonder zijn vader. Maar hoe giet je dat in het vat? Met geweld – een gevecht – zou hij het niet winnen. Vergif misschien. Maar waar koop je arsenicum of rattengif? Dan, pagina 76, doet zich een gelegenheid voor: ,,Het is vroeg in de ochtend als Marinus als eerste uit bed op staat en zijn vader nog op de zolder ziet staan. Hij staat boven aan de trap, zijn handen nog niet bij de leuning. Met zijn zwarte sajetten sokken op het glimmende zeil. Marinus staat achter hem. Hij hoeft slechts een duw te geven en het probleem is opgelost. Hij ziet zijn vader met het hoofd naar beneden de trap af vallen, hij hoort het bonken op de treden en ziet hem beneden roerloos liggen. Hij schrikt op. Dit was een droom, een wensdroom, een angstdroom ook, geen werkelijkheid.”

De gevangenis, de plotse verhuizing, er wordt verder nooit over gesproken. In 1965 overlijdt de vader. Schrijver Van der Doef, die zich realiseert dat het boekverhaal en zijn eigen werkelijkheid door elkaar lopen: ,,Er overleed een vader die in mijn leven nauwelijks een rol had gespeeld. Toen ik laatst de koning hoorde vertellen, dat hij zich nooit tegen zijn vader heeft kunnen afzetten omdat die ziek was, zei ik tegen mijn vrouw: dat geldt ook voor mij, voor ik me tegen mijn vader kon afzetten was hij al afgeschreven.”

Zo gebeurde het, dat Jaap van der Doef op zijn tachtigste tot de ontdekking kwam, dat hij zijn vader niet had gekend. En wel een opvatting over hem had, een negatieve. ,,Op mijn leeftijd kijk je meer achteruit dan vooruit. Ik ging me afvragen, waar mijn mening op was gebaseerd. Er ontstond een behoefte om de geschiedenis van mijn vader te reconstrueren. Zo begon ik mijn herinneringen op te schrijven, en sprak met broers en zussen. In het Nationaal Archief bleek dat de verslagen van de rechtszittingen waren vernietigd. De uitspraken van de rechter waren er wel. Ik zat in dikke folianten te bladeren. Opeens zag ik de voorletters en de naam van mijn vader. Ik heb gelezen. En sloeg steil achterover. Wat ik las lag zo ver buiten mijn verwachting.”

Nu komen we op een moeilijk moment in het gesprek. Wat ontdekte Van der Doef over zijn vader? In elk geval dat die veel korter in de gevangenis had gezeten dan hij veronderstelde. En verder, wat had hij misdaan, want er was wel een veroordeling? Van der Doef: ,,Dat wil ik niet in de krant vertellen. In dat opzicht beschouw ik mijn boek misschien een beetje als een thriller. Daarvan mag je de afloop niet weggeven.”

Hoe dan ook, de zoektocht heeft de visie op zijn vader veranderd. Compassie, medelijden, dat zijn nu toepasselijke woorden. ,,Ik had nu wel met hem willen praten en horen hoe hij alles had beleefd. Het is een beetje laat, maar ik ben van hem gaan houden. Hij heeft een moeilijk leven gehad, zonder dat hij ook maar iemand had bij wie hij te rade kon gaan. Mijn boek, zeker, is een monument voor hem, een rehabilitatie.”

De reacties van zijn broers en zussen ziet Van der Doef met vertrouwen tegemoet. En het grote publiek? ,,Wat ik vertel is een micro-verhaal. Maar bijna iedere familie leeft met geheimen, er is natuurlijk overal heel veel weggemoffeld. Het is beter om daar niet over te zwijgen.”

Jaap van der Doef: Op zoek naar een vader – Uitgeverij de Drvkkery | Schrijverspodium, 162 pagina’s, 14,50 euro.
Presentatie vrijdag om 16.00 uur in boekhandel ’t Spui in Vlissingen: Jaap van der Doef wordt geïnterviewd door Andreas Oosthoek, oud-hoofdredacteur van de PZC.

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags . Bookmark de permalink.

4 reacties op Op zoek naar een vader

  1. Ria van der Doef schreef:

    Interessant. Maakt me nieuwsgierig. Heeft het boekje ook een ISBNnummer zodat ik het kan bestellen?

    • jan van damme schreef:

      Dag mevrouw Van der Doef, een mail of een telefoontje naar boekhandel De Drvkkery in Middelburg (tevens de uitgever) of boekhandel ’t Spui in Vlissingen is denk ik het handigst. Daar weten ze wel over welk boek het gaat.
      Vriendelijke groet, Jan van Damme

  2. Martin Koene schreef:

    Dank Jaap ben onder de indruk!!

  3. I. Cornelis schreef:

    Bij een volgende druk toch even een goede corrector inschakelen. Ik bleef nogal eens haken aan fouten als: ‘Maar niemand heeft ooit enige dankbaarheid
    tegenover hem nooit getoond’ (p. 100) en ‘Hij meldt hij zich meteen’ (p. 102). Jammer.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *