Shakespeare Ollekebollekes

OllekebollekeOmslagkleinShakespeare in ollekebollekes

De Zeeuwse dichter Coenraedt van Meerenburgh beleeft plezier aan het vertalen van de sonnetten van Shakespeare. En hij schrijft graag gedichten in de vorm van ‘ollekebollekes’. Zo krijgen we een wereldprimeur: Shakespeare omgezet in ollekebollekes.

Jan van Damme

Voor alles moet de onvolprezen Drs. P van stal worden gehaald. Want we kunnen hier vrolijk over Ollekebollekes schrijven en net doen of het simpele kinderrijmpjes zijn, maar niets is minder waar. Drs. P (Heinz Hermann Polzer, 1919-2015) was één van de dichters/cabaretiers die de versvorm in de jaren zeventig van de vorige eeuw vanuit het Engelse taalgebied in Nederland introduceerde en populair maakte. Wat een Ollekebolleke is, en hoe razend moeilijk, daarover schreef de doctorandus het volgende gedicht, waarbij het handig is te weten dat een dactylus een versvoet is die bestaat uit een beklemtoonde lettergreep, gevolgd door twee onbeklemtoonde:

Dactylus! Dactylus! 
Ollekebolleke
Tweemaal vier regels
Die rijmen aan ’t slot

Kreet, thema, één woord met
Zeslettergrepigheid
Moeilijk te maken
Maar wat een genot!

Marcel van den Driest (1967) is via Omroep Zeeland bekend als radioman. Onder het pseudoniem Coenraedt van Meerenburgh heeft hij met snelsonnetten en vertalingen al volop literaire sporen in het Zeeuwse achtergelaten. Binnen het ‘light verse’ vindt hij het ollekebolleke een uitdagende versvorm. Zo uitdagend, dat hij het plezier om met die ingewikkelde versvorm bezig te zijn combineerde met een andere voorliefde.

In 2012 presenteerde Van Meerenburgh al een vertaling van de 154 sonnetten van de Engelse dichter en toneelschrijver William Shakespeare (1564-1616). Die poëzie heeft hem eigenlijk nog steeds in zijn greep. Van Meerenburgh: ,,Ik ben zo intensief met die sonnetten bezig geweest, dat ik er nog meer mee wil doen. De teksten zijn vierhonderd jaar oud, maar toch heel dichtbij. Liefde, dood, eenzaamheid, trouw, ontrouw: het zijn de grote thema’s van toen en nu.”

En zo kwamen Shakespeare en het ollekebolleke bijeen. De Zeeuwse dichter besloot de 16-regelige sonnetten om te zetten in 8-regelige ollekebollekes. Waarbij de vormvereisten van het ollekebolleke worden gevolgd: twee coupletten van vier regels, de eerste regel een uitroep, de tweede geeft het onderwerp aan, regel 4 en 8 rijmen op elkaar. De dichter: ,,Aan de vertaling van de sonnetten heb ik een half jaar gewerkt. Het omzetten in ollekebollekes kostte me anderhalf jaar. De sleutel zit dikwijls in regel 6, dat moet één woord zijn van zes lettergrepen, met het hoofdaccent op de vierde lettergreep. En het woord moet ook nog eens een dubbele dactylus zijn: ólleke bolleke.” Zo komen er woorden voor als ‘seniliteitsproduct’, ‘desintegratieplaats’ en – eigenlijk heel alledaags – ‘allerplezierigste’.

Het was niet het uitgangspunt of het einddoel. Maar feit is wel dat de poëzie van Shakespeare nu beschikbaar komt in een laagdrempelige, snel te lezen versie. Van Meerenburgh denkt dat zijn ‘omzetting’ kan fungeren als handzame kennismaking met de thematiek van de beroemdste sonnettenreeks ter wereld: ,,Bij het sonnet moet je je door drie kwatrijnen en ook nog eens twee slotregels heen worstelen. Een ollekebolleke is een eenhapscracker.”

Zeg, als ik dood zal zijn
Lees je m’n verzen nog?
Weet dan mijn naam niet meer
Als ik verrot

Legt men mij neer op m’n
Desintegratieplaats
Rouw niet te lang
Anders word je bespot

De bundel ‘Shakespeare Ollekebollekes’ wordt zondag 30 april om 15.00 uur gepresenteerd in Stadscafé De Dighter aan het Vlissingse Bellamypark. Het boek wordt uitgegeven door Vincula Affinia in Vlissingen, telt 96 pagina’s in een hardcover met stofomslag en kost 16,95 euro.

*******************

XCI (Sonnet)

De één gaat prat op afkomst of talent,
De ander op z’n rijkdom of z’n kracht,
De één op kleding van de laatste trend,
De ander op z’n Dieren voor de jacht.
Zo is aan elke gril plezier verbonden,
Waarin genoegen wordt beleefd ten top,
Maar hierin heb ik geen genot gevonden,
Niets kan tegen het allerbeste op.
Jouw liefde is me liever dan komaf,
Rijker dan weelde, kostbare kledij,
Genoeglijker dan Valk en Paardedraf.
Ik ga het meeste prat, jij bent van mij.
Treurig alleen, omdat je mij kunt raken,
Want jouw vertrek zal mij diep treurig maken.

******************************

De ollekebolleke-versie van XCI:

’t Is waar je prat op gaat:
Afkomst of lichaamskracht
Geld, dure hobby’s
De kar die je rijdt

Ík vind jouw liefde het
Allerplezierigste
Dat maakt me bang
Want ik wil je niet kwijt

Dit bericht is geplaatst in Agenda, Poëzie met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.