Claire Bonebakker, Frits Lensvelt en het dijkhuis, 1939-1942

2789_001Oude Dijkhuis herleeft

Stukje verdwenen Veere in beeld gebracht

Een verdwenen stukje Veere kleurt Museum Veere. Het Dijkhuis dat ooit op de oude zeedijk stond, komt er weer tot leven.

door Annemarie Zevenbergen

In een lang gedicht beschrijft dienst- en kindermeisje Tine Mallekote zomer ’53 haar gevoel over het Dijkhuis op de oude zeedijk. Het gedicht is te zien op de expositie ‘Het Dijkhuis, een verdwenen stukje Veere’.

Tine werkte voor de oorlog voor de familie Lensvelt, die het Dijkhuis bewoonde. Tijdens een zomervakantie in Zeeland, Tine woont inmiddels in Amersfoort, schrijft ze het gedicht in haar schetsboek, tevens dagboek van haar trip. Tijdens een wandeling over de Polredijk vertolkt ze haar emoties over het verdwenen huis. Een gevoel dat nog steeds door veel Veerenaren wordt gedeeld.

De dijk bezweek het huis ging mee,
Op deze plaats heerst nu de zee.
Mijn hart bewaart een dierbaar beeld
De zon die op het Dijkhuis speelt

Gedicht en schetsboek maken deel uit van de expositie, samengesteld door gastconservator Ard Hesselink. Kleinzoon van Dijkhuisbewoner, kunstenaar Frits Lensvelt. Ard begon zomer 2015 een zoektocht naar de historie van het geliefde huis van zijn grootvader. Die levert hem een tsunami aan reacties op. Van foto’s en verhalen tot kunstwerken.

Ooit stonden er twee galgen op de Galghenolle, het uitstekende puntje van de eens doorgebroken oude Polredijk bij Veere. Toen nog zeedijk. Gehangenen bungelden daar in de zeewind. Signaal naar passerende zeelui: zo zwaar straffen wij hier.

2790_001In een bocht in de weg op de dijk stond het Dijkhuis met het atelier van de Amsterdamse kunstenaar Frits Lensvelt. Hij koopt het in 1918 en woont er af en aan. In oktober 1939 sluiten Frits en schilderes Claire Bonebakker (foto) een huurcontract voor het huis. De twee beginnen een briefwisseling die tot eind ’41 duurt. Dan verlaat Frits Amsterdam en betrekt zijn Dijkhuis permanent. Hij bewoont het deel aan de Veerse kant, zij de westkant met gebruik van het atelier in de tuin.

De brieven heeft Ard gebundeld in het ontroerende werkje Claire Bonebakker, Frits Lensvelt en het dijkhuis, 1939 – 1942. De epistels geven een prachtige blik in het leven van beide hoofdpersonen in het oude tochtige huis en in het wel en wee in de Veerse kunstenaarskolonie in en om het stadje.

De gelukkige tijdelijke Dijkhuismeesteres, zo ondertekent Claire Bonebakker één van haar vele brieven aan Frits. ‘Ik kan met geen mogelijkheid zeggen wanneer ik hier ‘t meest geniet – of bij windstilte of zwiepende storm – of bij stille grijze verten dan wel als alles uitgekuipt lijkt- zoo klaar en helder’.

Op de achtergrond speelt de oorlog, die uiteindelijk leidt tot de definitieve ondergang van het huis. Het wordt voorjaar 1942 gevorderd door de Duitsers, die het zomer 1944 neerhalen. Zelfs de plek waar het huis stond, is weg. Verzwolgen door de golven ín oktober dat jaar als de geallieerden de Veerse dijk bombarderen.

Lensvelt treft in de zomer van 1945, na terugkeer in Veere, niets meer van zijn geliefde oord. Die zomer zwerft hij tekenend over het nog steeds half onder water staande eiland en bezwijkt uiteindelijk aan een longontsteking in het ziekenhuis in Middelburg.

Ard: ,,Ik ben in de ban geraakt van huis en historie. De respons op mijn speurtocht was enorm.” Hij wijst op een schilderij van Claire Bonebakker: ,,Het tuinhekje bij het huis. Dat is nooit geëxposeerd. Het hing in huis bij een particulier, boven de bank.’’

,,Ik heb de expositie in vier hoofdstukken verdeeld. ‘Oude tijden en de Polder Walcheren’ omvat de periode 1550 tot 1912. ,,Het hoekje waar het huis stond, had diverse functies. In de negentiende eeuw bijvoorbeeld bewoonden dijkwachters van de Polder Walcheren het huis.’’ Hij wijst op foto’s van de laatste twee wachters; plechtig blikken de besnorde Kornelis Dekker uit Westkapelle en de Thoolse Pieter Bolier in de lens.

,,In ‘Kunst tussen twee Wereldoorlogen’ laat ik de tijd zien waarin Frits het huis bewoonde. Wie woonde er in de omgeving? Welke boerderijen stonden of staan er nog?  Met ‘Oorlog: vernietiging en herstel’ bestrijk ik de jaren ’40 tot ’46. De periode waarin  de dijkgaten door het bombardement gedicht worden.”

,,Ik sluit af met ‘Nieuwe functies in moderne tijden”. De wederopbouw na de oorlog. De afsluiting van het Veerse Meer.’’ Hij toont een grafiek waarop te zien is wanneer de instroom van zeewater stopt als het laatste caisson is neergelaten. Het einde van een tijdperk. De vissersvloot is definitief uitgevaren naar Colijnsplaat en de kunstenaars hebben het stadje inmiddels ook verlaten.

Hesselink laat een verdwenen stuk  Veere weer tot leven komen. Je ruikt en hoort bijna de golven die op het strandje voor het Dijkhuis rollen.

Ard Hesselink: Claire Bonebakker, Frits Lensvelt en het dijkhuis, 1939-1942 – Uitgave Drvkkery | Schrijverspodium, 79 pagina’s, 9,90 euro.

Dit bericht is geplaatst in Biografie, Brievenboek, Kunstboeken met de tags , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Claire Bonebakker, Frits Lensvelt en het dijkhuis, 1939-1942

  1. Mde Keijzer schreef:

    Prachtige tentoonstelling, ga zeker nog een keer, heb het boekje gekocht(Het Dijkhuis 1939 -1942)ga dit eerst lezen ,dan nog een keer alles bekijken.
    Heb vlg. mij nog een foto van mijn moeder ontdekt in de tuin, ook van de hond die ze een week verzorgt heeft toen de fam .een week naar Amsterdam ging.
    Ze heeft hier nl. nog gewerkt,bedienen als er een diner was.
    kortom: heb genoten!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *