Saksisch bloed door Vlaamse aderen

saksisch-bloed-door-vlaamse-aderen

Een ‘achteraankomer’ uit het Land van Hulst. Het boek van Rosita van Roeyen werd vorig jaar september gepresenteerd. Er werd aandacht aan besteed in de Zeeuws-Vlaamse editie van de PZC. Dat is me toen ontgaan. Ik plaats alsnog het toen verschenen verhaal. Over het leven van een dochter van een Zeeuws-Vlaamse vader en een Duitse moeder: een autobiografische familiekroniek in drie delen, van 1943 tot 1989.

Gepest om Duitse moeder
Rosita van Roeyen schreef boek over haar heftige familiegeschiedenis

door Bob Maes
Ze schreef het op zodat haar nageslacht alles over de familiegeschiedenis weet. Maar het verhaal dat Rosita van Roeyen uit Hulst op papier zette, zou iedereen eigenlijk moeten lezen.
Om te weten dat de Tweede Wereldoorlog voor veel mensen een stuk langer dan vijf jaar duurde, bijvoorbeeld. ,,Ik zat soms weer helemaal in mijn jeugd. Ik had niet verwacht dat sommige dingen me nog zó konden raken”, vertelt Van Roeyen.
Haar jeugd was niet altijd even makkelijk. Ze groeide op in Nieuw Namen, als dochter van een Kouterse vader en een Saksische moeder. Ze werd geboren in Hulst, in 1946: een jaar na de capitulatie van de Duitsers. Haar vader, Leopold van Roeyen, moest in 1943 in Oost-Duitsland gaan werken.
Veel keuze gaven de bezetters hem niet, vertelt zijn dochter. ,,Hij had al twee keer geweigerd, zei dat het werk niets voor hem was. De derde keer kon hij kiezen: óf als soldaat naar het oostfront en als kanonnenvoer dienen, óf gaan werken in de textielfabriek.” Leopold van Roeyen koos voor het laatste. Eerst kwam hij in Jena terecht, daarna moest hij naar Hohenstein-Ernstthal, in Saksen. Hij woonde in een kamp en werkte in de fabriek.
Leopold maakte er erge dingen mee, die Rosita liever voor het boek geheimhoudt. Ruimte voor ontspanning was er ook. Met de andere buitenlanders – vooral Belgen en Fransen – mocht hij op zondag geregeld gaan dansen. Daar ontmoette hij zijn latere vrouw, Marianne Gruner. Haar familie mocht Leopold wel en haalde hem weg uit de fabriek. Marianne en Leopold trouwden en kregen een kind. ,,Mijn broer Johnny”, vertelt Rosita. ,,Mijn vader had zich neergelegd bij een leven in Saksen. Hij wist niet of en wanneer de oorlog zou eindigen en of hij ooit kon terugkeren naar Nieuw Namen.”
Marianne, Rositas moeder, wilde niet naar Nieuw Namen. Ook niet toen de oorlog voorbij was. Hohenstein-Ernstthal was in handen van de Amerikanen. Toen de Russen aan de macht kwamen, zocht het echtpaar alsnog toevlucht in Zeeuws-Vlaanderen. Rosita: ,,Mijn moeder was panisch van de Russen. Die wilden wraak nemen op de Duitsers. De Amerikanen waren keurige mensen, maar de Russen plunderden. Ze zijn in 1945 te voet naar Nieuw Namen gegaan.”
Daar aangekomen was het vooral voor Marianne niet altijd makkelijk. Ze was een Duitse, een vijand. Marianne deed echter haar uiterste best om erbij te horen. Ze was Luther-evangelisch, maar liet zich dopen in de rooms-katholieke kerk. Ze sprak zelfs Kouters, met een Saksische tongval. Uniek. Over de oorlog wist Rosita niets, laat staan dat ze Duitse familie had. Daar kwam ze op haar zevende achter. Pas tijdens geschiedenislessen op school, leerde ze over de Tweede Wereldoorlog. Over de Jodenvervolging. ,,Dat was een vreselijke ontdekking. Thuis werd daar niet over gesproken. Ik werd ermee gepest, omdat ik een Duitse moeder had. Die trouwens pas ná de oorlog over de Jodenvervolging hoorde. De Duitsers moesten van de Amerikanen de concentratiekampen bezoeken. Verplicht.”
De geschiedenislessen verklaarden veel voor Rosita. Waarom haar moeder geregeld flinke huilbuien had. En waarom ze snel in paniek was.
Ze laat het boek, dat in september gepresenteerd wordt, dan ook niet aan haar moeder – nu 92 – lezen. Rosita zou het mooi vinden, mocht het boek in het Duits vertaald worden. Zodat neef Hardy, met wie ze nog altijd goed contact heeft, het kan lezen.
Het was voor Rosita zeer emotioneel om het verhaal op te schrijven. ,,In mijn familie was alleen de pleegbroer van mijn moeder direct bij de oorlog betrokken, maar als ik een documentaire over de oorlog zie, komt de schaamte soms nog terug.”

Rosita van Roeyen: Saksisch bloed door Vlaamse aderen – Uitgeverij Van de Berg, 600 pagina’s (hardcover), 24,95 euro.

Nieuw Namen 20150728 Schrijfster Rosa van Roeyen bij het oude douanekantoor

Rosita van Roeyen bij het oude douanekantoor van Nieuw Namen. foto Camile Schelstraete (PZC 29 juli 2015).

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *