Zeeuwse schrijvers 80: Jan van der Moer

cropped-2016zeelandgeboekt.jpg

Mario Molegraaf schrijft wekelijks een kort portret van een Zeeuwse schrijver. Zeeuws qua persoon en/of qua inhoud. Deze keer aflevering Jan van der Moer.
‘In de herberg van Kleemont, vlak aan ’t haventje, klonk luide de dansmuziek.’

Krek as z’n vader
Jan van der Moer

door Mario Molegraaf

Wat zal hij trots zijn geweest toen daar eindelijk de eerste zin van zijn eerste boek op papier stond. ‘Helder roodden de daken boven den dijk uit, schilderachtig spitste het torentje boven de frisch groene boomtoppen, en de masten van de scheepjes in de haven lieten hun wimpeltjes lustig in het briesje waaien,’ luidt het uitnodigend bedoelde begin van Maria Vermeere. Een verhaal uit het Zeeuwsch dorpsleven, het in 1906 verschenen debuut van Jan van der Moer. Hij was de in 1868 geboren zoon van de notaris van Colijnsplaat. In 1887 haalde hij het HBS-diploma in Zierikzee, later werd hij officier, in 1940 overleed hij te Heemstede.

Na Maria Vermeere schreef hij nog twee Zeeuwse romans, De Kaarthoeve (1907) en Jongen en Ouden (1909). Hij haalde er de literatuurgeschiedenis mee, zij het onder het ietwat bedenkelijke kopje ‘Streeklitteratuur’. Zijn boeken werden ook gerecenseerd, maar niet onverdeeld gunstig. De Goesche Courant vond dat ‘de locale kleur’ aan Jongen en Ouden ontbrak, ‘door te lange afwezigheid vermoedelijk’. Van der Moer schreef, volgens de recensent, over ‘eenvoudige dorpelijke werkmenschen’, maar liet ze denken in een geavanceerde taal ‘waarvan de stakkers, als ze ’t hoorden, niets zouden begrijpen.’

Anders dan deze bespreker vind ik het juist knap hoe de notariszoon uit Colijnsplaat zich, zeker in Maria Vermeere, wist in te leven in zijn minder aanzienlijke streekgenoten. Vooral blijkt hij bedreven in de Zeeuwse volkstaal. Maria Vermeere wordt het hof gemaakt door Toon Ramme, een schipper. Dat bevalt vader Vermeere, eveneens een schipper, helemaal niet. ‘De jongen is krek as z’n vader!’ is het voornaamste verwijt. Het komt allemaal goed, dat begrijpt u, maar niet na minne streken, een heldhaftige reddingsactie en een ‘kaper op de kust’ in de vorm van een opzichter aan de dijkwerken.

Dorpsdrama en dorpsliteratuur en dorpsscènes. Maar het is duidelijk dat Van der Moer volop nagenoot van de kermis in zijn oude woonplaats en hij levendige herinneringen bewaarde aan pinkstermaandag op Noord-Beveland: ‘In de herberg van Kleemont, vlak aan ’t haventje, klonk luide de dansmuziek.’

Dit bericht is geplaatst in Biografie met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *